ON EST PARTI! Een nieuw leven beginnen in Frankrijk.

Not all those who wander are lost…

Na een heerlijk zonnige nazomer breekt de tijd van de stormen aan. Dit jaar worden we niet door één maar wel door drie hele zware stormen geteisterd. De regen valt met bakken uit de lucht en spuit uit de bergen. Wegen worden weggespoeld, velden verschuiven, de bedding van de rivier is nadien van plaats veranderd. Nachtenlang liggen we angstig wakker, zonder elektriciteit, in het pikkedonker en worden we opgeschrikt door felle bliksemschichten en knallende donder. Iedereen is nadien zwaar onder de indruk. Nederig word je van al dat natuurgeweld.

Een herfstvakantie in België. Ongelooflijk hectisch zoals altijd. Minstens twee afspraken per dag. Rennen van jut naar jaar. Maar ook zalig om tussen familie en vrienden te vertoeven. Gaan eten met mijn 90 jarige superoma. Samen met de broers het graf van papa onder handen nemen. Knuffelen met kleine Marius. En met veel ontroering en een hart dat overstroomt van liefde mijn petekindje Billie voor ‘t eerst in de armen sluiten.

En natuurlijk niet vergeten, we rijden deze keer met een koffer én aanhangwagen vol koekjes naar Antwerpen! Na een drukke zomer viel de verkoop in Frankrijk plots stil. Twijfels of je wel op het goede spoor zit. Misschien zit er wel geen brood in koeken? Hoe gaan we hier dan overleven? En hoe kunnen we de reiskosten naar België nu betalen? Onzekerheid en onrust maken zich van ons meester. Een berichtje op facebook zet een stroom van bestellingen in gang die plots amper te overzien is. Slechts zes dagen om duizenden koekjes te bakken. Help! Maar Nozières zou Nozières niet zijn als dit bericht zich niet als een lopend vuurtje verspreidt en mensen zich spontaan komen aanbieden om mee te helpen. Kei hard werken. Een drukte van jewelste. Maar zelden zo hard gelachen. Buikpijn van het schateren en ongelooflijk dankbaar voor al die warme zielen en helpende handen. Och wat een dorp!

Na drie opzwepende weken komt de kentering. Eén na één vertrekken er nu daadwerkelijk mensen. Mensen waarmee ge op twee jaar tijd een waanzinnige intense vriendschap hebt uitgebouwd. Die u hebben zien arriveren. Die u aarzelend een weg zagen zoeken in het dorp en met de Franse taal. Waarmee ge zoveel uren hebt gepraat en samen getwijfeld. Die meedachten. Die u raad gaven als het ge het even niet meer wist. Die ons verdriet voor onze overleden vaders van zo dichtbij hebben meegemaakt. Die u geholpen hebben. Met het huis. De biscuiterie. De tuin. Mensen die na hun vertrek een grote leegte achterlaten.

En met momenten voel ik me zoals de lucht buiten. Grijs en grauw. Een grote tristesse overvalt me. De aanblik van een uitgebloeide moestuin maakt me intriest. Ons huis dat dichtgetimmerd is voor de winter staat er verlaten en grijs bij. De stilte op de normaal zo luidruchtige en levendige werf is ondraaglijk. Op de camping wijst enkel een vergeten waslijn tussen twee bomen op wat enkele maanden geleden nog het centrum van het dorp was. Dat Bert voor enkele weken naar Antwerpse Kerstmarkt vertrekt maakt de leegte compleet. Melancholie op zijn best. Het ene idee al vrolijker dan het andere en de bottom line: ‘het beste hebben we gehad en dat het nooit meer zo leuk zal worden als voorheen’.

De eerste sneeuw brengt stilte met zich mee. Als het ‘s nachts sneeuwt dan word ik daar altijd wakker van. Omdat het dan zo mogelijk nog stiller is hier in het bos. En die stilte die kruipt in mijn lijf en in mijn hoofd.

En door die rust borrelen er kleine sprankelende lichtjes naar boven. Mooie herinneringen die je kan koesteren. Dankbare gevoelens. Het besef dat het leven hier zo mooi is. Soms kan ik plots de dingen weer zien en voelen zoals de eerste keer. Bijvoorbeeld, heel banaal maar toch: de eerste keer dat ik een stenen droogmuur zag met een bonte verzameling aan vetplantjes die in de spleten groeiden. Zo schoon dat ik dat vond. En hoe hard ik ernaar verlangde om dat zelf ook ooit te hebben. En nu staat er hier, waar voorheen enkel zand en gras was, ook een gigantische stenen droogmuur met een schone verzameling aan plantjes. Soms vergeet je welke weg je al hebt afgelegd en dat er nog een hele weg voor je ligt. Stilstaan bij zulke dingen doet een mens deugd en geeft zielenrust.

En de toekomst ziet er ineens weer veel kleurrijker uit. Nieuwe ideeën zoeven door mijn hoofd. Dingen vallen op hun plaats. Januari zal een maand van experimenteren worden in de biscuiterie. Een grote lijst in mijn hoofd. En een tweede kortverhaal wordt vel per vel op papier gezet. Heerlijk dat gekrabbel. Nu nog de moed vinden om het aan iemand te laten lezen…

En ja, het wordt inderdaad nooit meer zoals voorheen. Net zoals de seizoenen elkaar zo statig opvolgen, zo ook alle fasen van het leven.
Je kan niet alles hebben en niets zal altijd hetzelfde blijven. Maar voor elke deur die dichtgaat gaat er een andere open.

Of om het met papa’s woorden te zeggen:
‘Het woord nooit meer zoals vroeger. Maar dat geeft vleugels aan het herinneren.’
Dank voor die wijsheid papsi.

Mijn meisje...

Mijn meisje…


Storm in Nozières

Storm in Nozières

Storm in Nozières

Storm in Nozières

Storm in Nozières

Storm in Nozières


Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies

Koekies


La Cabane

La Cabane

Herfstig weer

Herfstig weer

Winterdicht huis

Winterdicht huis

Winterdicht huis

Winterdicht huis

De uitgebloeide moestuin

De uitgebloeide moestuin

De eerste sneeuw

De eerste sneeuw

Magische zonsopgang

Magische zonsopgang

De uitgebloeide moestuin

De uitgebloeide moestuin

De uitgebloeide moestuin

De uitgebloeide moestuin


Fons zorgt voor hout

Fons zorgt voor hout

Bert op de Kerstmarkt in Antwerpen

Bert op de Kerstmarkt in Antwerpen

Indian Summer en nomaden

De zomer raast voorbij en de zon verschijnt. Zalige ‘Indian Summer’… Er wordt vlijtig doorgewerkt aan het huis dat een dak vol dakpannen krijgt en waarvan de eerste muren gevuld worden met stro. Elke dag krijgt het een beetje meer vorm, wordt het een beetje meer (t)huis. Zo’n schoon stulpje, om helemaal verliefd op te worden.

Weg uit de caravan terug in ons geleende huisje. Wat een luxe! Wat een comfort! Ook de beestjes zijn duidelijk content. Ik ben het nomadenbestaan soms spuugzat. Maar als alles nu verder wat meezit trekken we volgende zomer in ons zelfgemaakt optrekje. Och wat kijk ik daar naar uit! De Ark van Noah die zal aanmeren op de berg.

We oogsten en oogsten kilo’s tomaten. Het enige dat die ellendige natte en koude zomer goed doorstaan heeft. Dat ik nog een echt ‘bleu-ke’ ben als het op tuinieren aankom mag duidelijk wezen. En mijn eerste jaar ‘permacultuur’ (eerder uit luiheid dan overtuiging) was zeker geen daverend succes al oogt het wel mooi zo’n wilde tuin vol bloemen en planten.

Het nieuwe schooljaar gaat van start en de jongens zijn nu ook met de Franse taal helemaal bijgebeend. Als ge ze zo na de les de school ziet uitrennen om dan met hun ‘copains’ in het dorp kattenkwaad uit te steken, ‘cowboy en indiaantje’ te spelen rond de kerk of samen een caban te bouwen dan denkt ge toch: ‘deze heerlijke kindertijd nemen ze hen nooit meer af!’.

En eindelijk kunnen wij ook even vakantie nemen. We trekken met een hele bende uit Nozières richting zuid Ardèche naar een primitieve camping in een prachtig stukje ongerepte natuur. We sleuren bezweet en zuchtend tenten en zakken de steile bergwand af, struikelen over loszittende stenen, breken teennagels door uitstekende punten maar och wat een paradijs is dat daar! Drie dagen baden we in de zon, zoeken we verkoeling in de rivier, spelen de kinderen samen en hangen de ouders wat rond. La vie en rose… We vergeten de tijd en geven ons over aan wat welverdiend rust. En ok, ik haal mijn knieën helemaal open en sta doodsangsten uit omdat ik in een overmoedige bui, in enkel een badpak, wat lenig en soepel aan speleologie denk te gaan doen en me diep onder de grond waag. Maar daar gaan we hier verder niet over uitwijden…

En we zijn ook weer een jaar verder sinds de beide vaders de laatste adem uitbliezen. Zo snel gaat dat dus. En ook al is het nu wel doorgedrongen dat ze dood zijn en ge ze nooit meer zult zien, het gemis wordt er alleen maar groter op. Hoeveel dingen dat ik ondertussen al niet verzameld heb in mijn hoofd die ik zou willen delen, waarover ik zou willen praten, waarover ik nog iets zou willen vragen. Ik zou ze allebei zo graag het huis willen laten zien. En Jozef zou zo mee dat dak opgeklommen zijn om te helpen. En papa zou genoten hebben van de verhalen en dat ook de oude burgemeester kwam meehelpen met zijn tractor. En ik wil hem vertellen over kleine Marius die om op te eten is. En dat zijn kleinzonen nu zo goed Frans spreken. En dan denk ik ‘amai, als dat nog zo’n dertig jaar doorgaat dan heb ik mezelf een punthoofd bijeen gespaard aan niet gedeelde ervaringen enzomeer.’

En voor alles een eerste keer. Zo droom ik over papa zonder uitbundig te huilen waardoor hij het op een lopen zet. En deze keer liggen we, zoals we op het einde wel meer deden, samen op bed films te bekijken. We praten en lachen om de stomste dingen. Ik voel zijn warmte. Het is zo echt. En als ik wakker word ben ik zeer goedgezind en gelukkig. Net zoals vroeger na een leuke avond met papa. Ik kijk al uit naar onze volgende ontmoeting.

En over ontmoetingen gesproken. Voor het eerst ga ik op stap in Lamastre. Beetje opgetut. Hakjes van onder het stof. En hup, den berg af. Geen kat meer op straat maar het café is wel open. En we mogen tot 23h blijven zitten, stel je voor! Maar dan zijn Freija en ik nog niet uitgepraat. Dus babbelen wij nog uren lustig verder in de auto, aan de rand van een bos, in het pikkedonker onder een prachtige sterrenhemel. Zo kan het dus ook!

En zoveel mensen die passeren en kortstondig of langdurig meehelpen. Heerlijk dat de wereld naar ons toekomt. Voor de kinderen ook een geweldige tijd met zoveel nieuwe ervaringen en mensen. Maar in het leven blijft niets duren. Sommige vaste bergbewoners beslissen om weer te gaan. Het leven stuurt ze een andere richting uit. En dat doet wel pijn, zo’n vertrek. Want in zo’n kleine gemeenschap bouwt ge op korte tijd diepe vriendschappen op. Een bende nomaden bij elkaar. Niemand is zeker of er over een paar maanden nog wel voldoende geld zal zijn om te kunnen blijven. Soms trekt de stad. Of familie. Is er nood aan een ander schoolsysteem. Of zijn het die lange winters die mensen zuidelijker drijven. Het is zeker niet het meest makkelijke leven, zo ergens anders van nul beginnen. En er zijn vele momenten van twijfels. Maar ik zou het onmiddellijk allemaal terug opnieuw doen want het is ook het meest mooie avontuur uit mijn leven en ik heb me de afgelopen jaren nog geen seconde verveelt. Laat staan dat ik een greintje sleur heb gekend. De band in ons gezin is hechter dan ooit. De stress die we kennen is van een totaal andere orde. En ik heb zoveel mooie menselijke daden gezien. En eindelijk komt er stilaan meer tijd om te doen wat ik het liefste doe, namelijk schrijven.

Follow my blog with Bloglovin

Beproevingen…

Niets had ons kunnen voorbereiden op wat deze zomer in petto zou hebben. Het zal een zomer worden vol beproevingen al zijn we ons daar in het geheel nog niet van bewust als we begin juli weer in onze caravan kruipen. Wij denken maar aan één ding: deze zomer bouwen wij ons huis! En strakke planning en veel helpende handen, dat is het enige dat wij voorzien hebben.
Dit jaar staan we niet op de bouwgrond wegens teveel bedrijvigheid maar vinden we een rustige stek in de weide ernaast. Dat het in begin regent laten we nog niet aan ons hart komen. We weten uit ervaring dat de zomers hier verschrikkelijk warm en droog zijn dus zijn we best blij met nog wat regen.

Eén na één arriveren er vrijwilligers: familie, vrienden maar ook totaal onbekenden die meewerken onder het statuut van ‘chantier participatif’. Er ontstaat een mini camping in Nozières. In de regen.

Vrachtwagens vol materiaal passeren: stro, hout, dakpannen enzomeer. In de regen. Materiaal en stro worden nat en onbruikbaar, door die regen. Ge zou er bijna een zenuwinzinking van krijgen. Zoveel regen hebben ze hier tijdens de zomermaanden nog nooit gezien.

En we wachten en wachten en wachten op een zomer die maar niet begint. Soms zit de biscuiterie, onze enige droge plek, afgeladen vol. Dan bakken we uit miserie nog maar wat koekjes met z’n allen. En voor ge het weet zwiert er iemand een plaatje op en wordt er tussen het bakken, koken en afwassen door luidkeels gezongen en gedanst. Ze zullen het geweten hebben in het rustige Nozières: die Belgen die daar een huis neerpoten en koekjes bakken terwijl ze zingen en swingen!

Telkens als de zon eventjes doorbreekt barst er een bom aan energie en werkvreugde. Mensen van overal stromen toe want dat dak moet erop. Zo snel mogelijk. Iedereen krijgt een taak. Planken schuren, gyproc schilderen, strobalen losmaken, planken vast timmeren en voor de durvers: balanceren hoog boven de grond. Maar ook: trappen uitgraven in de steile bergwand, de moestuin verzorgen en koken in shiften voor al dat werkvolk, vrouwen en kinders in een biscuiterie die bijna uit haar voegen barst.

Tussen de regenbuien en onweders door hebben we nu een half dak. Een planning hebben we ondertussen al lang niet meer. En veel helpers zijn ondertussen alweer verder getrokken of huiswaarts gekeerd. Ik heb gemerkt dat het steeds moeilijker wordt: dat afscheid nemen. In een korte tijd bouw je een sterke band op als je zo samen leeft en werkt. En ik word telkens opnieuw overvallen door een gevoel van heimwee als ik denk aan al die mooie en bijzondere momenten die we hier met zovelen al hebben beleefd. Soms springt mijn hart bijna uit mijn borst van alle dankbaarheid.

Maar door al dat harde werken en die drukte gebeurt het wel eens dat ge, als koppel, elkaar niet meer kent. Dat ge ineens beseft dat uw wederhelft zich op een andere berg bevindt en dat ge elkaar niet meer hoort en verstaat. Gelukkig bestaat er dan een stad als Marseille. Als we er met ons tweetjes arriveren worden we eerst overvallen door de hitte, drukte en stank. ‘Hoe gaan we ooit rust vinden tussen die krioelende mensenmassa?’ denk ik bezorgd. Maar dan beseft ge weer hoe het moet met die grote steden. Je moet je laten verdwalen, je laten meevoeren. En dan ineens is het daar. Je danst als het ware samen met de stad. Van hier naar daar volg je haar passen. Ineens geeft de stad je energie en geeft ze haar vele geheimen en leuke plekjes prijs. En terwijl ge daar alle twee in die grote stad, op de straten wat verloren loopt vindt ge elkaar terug. En beseft ge eens zo goed: ‘zonder Bert geen Swaane en zonder Swaane geen Bert’.
Ja zo’n eigen huis bouwen, het is nu al een overweldigend avontuur om nooit meer te vergeten. En aan iedereen die ons totnutoe al geholpen heeft: woorden om iedereen te bedanken vind ik niet maar jullie weten allemaal dat jullie voor altijd een plekje hebben in Nozières! Bedankt! Merci! Thank you!

Prachtig filmpje van Florent ‘Flosh’ Gryson: https://www.youtube.com/watch?v=WQ__sxXQDmk&feature=youtu.be

_0665844

_0665851

_0665854

_0665858

_0665866

_0665891

_0665942

_0665954

_0665968

_0666035

_0666056

_0666083

_0666091

IMG_6641

IMG_6644

IMG_6662

IMG_6683

IMG_6694

IMG_6703

IMG_6707

IMG_6717

IMG_6735

IMG_6789

IMG_6790

IMG_6806

IMG_6811

IMG_6815

IMG_6821

IMG_6839

IMG_6842

IMG_6868

IMG_6879

IMG_6888

59737_10204081079688112_7136377401447652567_n

1622228_10204081088568334_6621887478488967289_n

10334434_10204081074807990_8511059213506178626_n

10357175_10204081079808115_387157025734397089_n

10378220_10204081076488032_4198721933765087830_n

10384104_10204081078368079_4335980684900428172_n

10405519_10204081076968044_8199137152199023379_n

10409470_10204081077088047_47426027858111409_n

10412001_10204081084768239_8272578970589625379_n

10424999_10204081081128148_3914341363303323547_n

10441047_10204081079368104_8176522091812383770_n

10446505_10204081081488157_8511200592765805100_n

10480979_10204081081768164_8852595296340560633_n

10494637_10204081085128248_8808424355544708007_n

10514702_10204081083248201_3119109148198138319_n

10517585_10204081077608060_3290579295963470754_n

10525986_10204081074927993_2730626581685666013_n

10526109_10204081083608210_5281644174753236876_n

10530744_10204081080208125_1069479329204367883_n

10530877_10204081079088097_2323265133627378930_n

10532338_10204081082168174_8459068224020709753_n

10532351_10204081080848141_3920221269865669525_n

10532472_10204081080448131_7694743590568150523_n

10553516_10204081087128298_6085066300929603815_n

10574160_10204081084008220_1667180065308349885_n

10574223_10204081073967969_7335339461796205070_n

10576962_10204081088248326_5959864342338283224_n

10577051_10204081082008170_1886801508604195069_n

10590581_10204081085488257_3725564759135564609_n

10599723_10204081076368029_1285316226722506395_n

10613044_819467838098265_4809440777291975626_n

IMG_6937

IMG_7042

Petit à petit l’oiseau fait son nid

Wat vliegt de tijd als ge druk bezig zijt. Maar wat doet dat deugd om nog eens grondig de handen uit de mouwen te steken. Met momenten zijn we doodop en ons lijf happert zo wel eens een keer maar als je dingen ziet ontstaan uit het niets geeft dat ook tonnen energie. Een ware explosie aan bedrijvigheid op alle fronten.

De biscuiterie groeit gestaag en we krijgen steeds meer ‘schwung’. We kunnen er zeker nog niet van leven maar de uitbreidingsmogelijkheden zijn nog enorm dus we geloven er in. ‘De markt doen’ vraagt veel geduld en je moet tegen ‘kalme’ dagen kunnen. Een ware les in nederigheid. Het is een wereld op zich, die van de marktkramers, waarbij je de ongeschreven wetten en gebruiken moet leren kennen. Zo kom ik erachter dat de dorpsgek, die de eerste dag uitschreeuwde dat hij mijn koeken echt wel ‘pourri’ vond, ze stiekem toch wel lekker moet vinden want hij eet altijd al mijn proevertjes op. En dat er een een heuse ruilhandel bestaat tussen de marktkramers waarbij er geen geld aan te pas komt maar ge wel met rijkelijk gevulde zakken weer huiswaarts keert. En ik ontdek dat marktkramers geen norse, afstandelijke mensen zijn maar dat ze tijd nodig hebben om te wennen aan de nieuwe vis in de vijver en ze nu allemaal hun uiterste best doen om mijn naam juist uit te spreken. En het is fijn te beseffen dat sommige dingen des levens nooit zullen veranderen. Met name: die loodzware parasol die me zo’n angst inboezemt bekijk ik zuchtend vooraleer ik knipperend met mijn ogen in de richting van een mannelijke marktkramer kijk. Vervolgens komt die snel aandraven en wordt dat gedrocht gezwind opgevouwen en naar mijn auto gedragen zonder dat deze stoere mannen een krimp geven.

En ons huis groeit en groeit en wordt door iedereen bekeken en becommentarieerd. En zoals het een echte Fransman betaamt hebben ze allemaal kritiek, zouden ze het anders doen en de meest gestelde vraag is: ‘Waarom is dat dak zo steil?’ Bert begaat een moord als hij dat nog eenmaal hoort. Maar ik vind het nu al een prachtige woonst. En ik zet me regelmatig op mijn nu nog denkbeeldig terras en geniet van het uitzicht. En na de school verzamelen er zich allemaal kinderen op het terrein en bouwen ze samen een cabane, helemaal in dezelfde stijl en op dezelfde manier. Vele vrijwilligers zijn er al mee aan tafel geschoven. Sommige verloren zielen blijven een flits, anderen worden een beetje familie zoals de fantastische ‘nonkel Gérard’. En zo bouwt ge een huis dat door zeer vele handen gedragen wordt en waar voor altijd heel veel mensen mee verweven zullen zijn. Een warm nest.

Eeuwenoude breuklijnen en lijmende koekjes

Het zijn verkiezingen. En zelfs in zo’n klein dorp als Nozières, in een commune met amper 271 inwoners zorgt dat voor heel wat commotie. Mijn idyllische dorp blijkt ineens uit twee kampen te bestaan. Daar waar ik altijd perfecte harmonie zag blijken er eeuwenoude breuklijnen te bestaan. En deze worden nu pijnlijk zichtbaar. Oude familievetes. Oude burenruzies. Niemand lijkt nog te weten waarom en wanneer deze twisten ontstaan zijn maar ze zullen we iets met water en land te maken hebben gehad. ‘Of een verboden liefde?’ denkt de romanticus in mij dan stillekes.

Wat het ook moge zijn. Ineens bestaat er in het dorp zoiets als ‘rechts’ en ‘links’ en bestoken beide zijden elkaar met modder. Er doen complot theorieën de ronde: er wordt glas voor mijn deur gelegd. Er is bangmakerij: jullie zullen jullie biscuiterie verliezen.

Er wordt zwaar campagne gevoerd: elke lijst probeert boerderij na boerderij binnen te halen.

De sfeer wordt grimmiger en wij krijgen een zak vol hondenstront kado van de buren. Want ja natuurlijk, het loopt hier vol loslopende honden maar de stront die op hun terrein ligt kan alleen maar van ons zijn. Ze hebben nog nooit geprobeerd om met ons te praten maar plaatsen wel een hek tussen de twee terreinen. Een daad van stille agressie, zo ervaar ik dat. Ik voel me voor ‘t eerst een vreemdeling. Een ongewenste buitenlander.

En we hebben hier ondertussen behoorlijk wat vrienden maar velen van hen zijn ook ‘niet van hier’. Want ook Fransen uit Parijs worden hier als ‘vreemd’ beschouwd. Sommige Ardèchois zijn nog nooit naar de zee geweest, laat staan naar een grote stad zoals Parijs. En een ander land is al helemaal ondenkbaar. Eeuwenlang waren het enkele grote families die hier het leven deelden. Je trouwde met een huwbare kandidaat uit een dorp verder en dat was het. Zo bleven grond, water en beesten binnen dezelfde gemeenschappen.

En ik kan me er wel iets bij voorstellen dat al die vreemd geklede, anders pratende en kleurrijke tropische vogels uit alle windstreken hier voor angst en wrevel zorgen. Dat mensen liever hebben dat alles rustig bij het oude vertrouwde blijft.

Maar zij weigeren te zien dat nieuw bloed ook nieuw leven laat stromen in dorpjes en gehuchtjes die anders ten dode staan opgeschreven.

Is het doemdenken of is het nu echt stiller in de straten? Verbeeld ik het me nu of zeggen sommige mensen plots geen ‘goedendag’ meer?

De angst slaat me met momenten om het hart. Zou onze droom van korte duur zijn?

De verslagenheid is groot als ‘de andere kant’ wint en sommigen reageren heel dramatisch. ‘Ik ben hier weg. Onder zo’n rechts bewind wil ik niet leven. Nu is het gedaan met de openheid.’

Maar Bert en ik besluiten om ons niet te laten doen. Allochtoon of niet. Of we hier nu gewild en welkom zijn of niet, we houden ons hoofd recht en besluiten om positief te blijven. Verzuring bestrijd je het best met optimisme en blijdschap.

De opening van onze kleine Biscuiterie Les Rabarines staat al langer gepland voor begin april. En we nodigen gewoon iedereen uit. Openheid tegen verdeeldheid.

Ik ben erg zenuwachtig. Wie weet komt er maar twee man en een paardenkop. We hebben met man en macht gewerkt. Zoveel mensen zijn komen helpen om alles rond te krijgen voor deze grote dag.

Maar mijn zorgen blijken ongegrond. Het is de laatste ambt dag van de aftredende burgemeester. Hij geeft bij ons zijn allerlaatste speech. Een trillend blaadje papier en een wegpinkende traan. Dan is het aan mij en met knikkende knieën geef ik mijn eerste Franse speech. Enkele verzoenende, positieve en hoopgevende woorden.

En dan gebeurt er iets magisch. Iets wat je niet kan forceren, noch kan plannen. Samengepakt in zo’n klein koekenbakkerijtje zijn mensen wel verplicht elkaar weer een hand en drie kussen te geven. En na al dat snoepen en een glas rode wijn wordt dat al eens een schouderklop en een knuffel. ‘En dat Nozières toch wel een geweldig dorp is. Dat het leven hier zo mooi is. En dat we hier nooit weg zullen gaan!’ De tafel wordt opzij geschoven en de beentjes gestrekt tot het laatste kindje onder tafel gekropen en daar in slaap gevallen is.

En het regent complimentjes: dat de timing niet beter kon zijn. Dat de koekjes het dorp weer zullen lijmen. Dat de zoete koekjesgeur die zich soms over het dorp verspreid de mensen gelukkig en vrolijk maakt.

Om de haverklap steekt er iemand zijn hoofd om de deur voor een korte babbel en grabbelt een koekje mee. Kinderen komen na school de potten leeglikken en de kruimeltjes hamsteren. Tijdens de middag komen de mannen die ons huis mee helpen bouwen er eten. En één keer per maand komen we er samen met wat vrouwen en zingen er Franse liedjes.

Een huisje met zoveel geschiedenis, waar de muren zoveel te vertellen hebben, is nu een betoverend peperkoekenhuisje.

DSC_2427

DSC_2430

DSC_2432

DSC_2438

DSC_2439

DSC_2444

DSC_2449

DSC_2472

DSC_2479

DSC_2490

DSC_2498

DSC_2504

DSC_2512

DSC_2514

DSC_2518

DSC_2528

DSC_2532

DSC_2537

DSC_2547

DSC_2555

DSC_2561

DSC_2562

DSC_2565

DSC_2566

DSC_2582

DSC_2626

DSC_2642

DSC_2650

DSC_2675

DSC_2680

DSC_2691

De grote stad en het peperkoekenhuisje

Net zoals in België baden we in het zonlicht en slaan we de lente over. En van een stille rustige winter bruist het plots van de bedrijvigheid. Een explosie aan energie zorgt ervoor dat we ineens op alle fronten tegelijk actief zijn: de fundamenten van het huis zijn vandaag gegoten. De biscuiterie krijgt elke dag meer vorm en opent 4 april zijn deuren. Het is echt een peperkoekenhuisje deze ‘ancien lavoir’ waar de vrouwen vroeger gezamelijk hun was kwamen doen in een groot bassin. En de eerste zaadjes zitten in de grond en je hoort overal de natuur ontwaken. Alles wriemelt en krioelt.

Op een zondagochtend trekken we naar Lyon. Op prospectie. We zoeken een goede en grote markt om onze koekjes te verkopen. We hopen dat in deze derde grootste stad van Frankrijk meer geld is zodat er meer te verdienen valt dan op de kleine marktjes in deze toch wel arme streek.

En wat een geweldige stad is Lyon! Bert en ik zijn allebei reuze enthousiast en opgewonden. Wat een leven en drukte. Alles beweegt. Dat zijn we niet meer gewoon na al die maanden in de bergen. Tussen al die hippe stadsmensen wordt ik me er dan ook ineens pijnlijk van bewust dat ik rondloop met vlekken op mijn broek, een wollen vest die wit ziet van het hondenhaar, een gat in mijn trui en vettige haar. Mijn afgeleefde lederen laarzen staan in schril contrast met de vele fijne hakjes waar de Françaises parmantig op rondtrippelen. En ik denk weemoedig aan al mijn hakjes die in de schuur stof liggen te vergaren, wachtend op een moment om nog eens in hun volle glorie hersteld te worden. Ik houd me halsstarrig vast aan de idee dat dat moment er ooit nog wel eens komt. Het ontlokt telkens veel gegniffel bij de toehoorders. Ik kijk mijn ogen uit in de etalages en Bert dankt God dat het zondag is en alle winkels gesloten zijn. En ik besef dat ik helemaal uit de mode ben en krijg de enorme drang om mijn schade in te halen. En dan besef je: ‘je kan het meisje wel uit de stad weghalen maar de stad krijg je toch niet zo snel uit het meisje…’ Bijna twee jaar geleden maakt we die grote switch maar sommige dingen veranderen nooit vrees ik.

Nu goed, ik laat me dan maar gaan op de markt en koop een berg asperges (veel te veel), en bloemen (die ik evengoed hier ergens uit de grond kan schoppen) en knalrode, grote en perfect gevormde aardebeien (veel te vroeg, veel te duur, zeker niet van hier en al helemaal niet biologisch) maar hey, de boog kan niet altijd gespannen staan he?!

En we drinken koffie op een terrasje aan het water en vallen achterover van de prijzen: 3 euro voor ne koffie?!!! Och ja, we zijn in ‘dé grote stad’ en daar rolt er geld en dat is maar goed ook want wij gaan daar koekjes verkopen tot ze iedereens oren uit komen.

Gust blijkt een ware holbewoner. Un petit sauvage. Denkt dat er maar één stad bestaat, namelijk de ‘oma stad’ dus hij is door het dolle heen. We krijgen hem maar niet uitgelegd dat oma zo’n 800km verder woont, in een andere stad. En hij wijst en gilt als hij mensen met een hoofddoek ziet: ‘Kijk mama een spook’ en verstopt zich achter mijn benen. En Gust gaat het liefste naar school met zijn grote zwem bril op. Hij vind dat ongelooflijk ‘cool’. Dus als we een skiwinkel passeren kan zijn geluk niet meer stuk: zo’n coole grote brillen en flashy schoenen. He loves it!

En het is een blits bezoekje maar we komen zeker nog terug. En ook wel eens zonder de kinderen want zij vinden zo’n stadsbezoek echt niet leuk. En als je kinderen zo martelt dan krijg je hele fijne reacties:

Gust stampvoeten en met gebalde vuistjes: ‘Ik ben niet jouw dikke vriend!’

Jules: ‘Jij bent geen mama want geen enkele mama zou haar kindjes zoiets aandoen’ en dan volgt er een ellelange opsomming van wat ik allemaal fout doe en wat voor een verschrikkelijke moeder ik wel niet ben.

Fons, huilend: ‘Dit is de saaiste en verschrikkelijkste dag van mijn leven!’

Maar gelukkig is er Brando, onze adoptiehond vernoemd door zijn Bulgaarse reddende engelen, naar Marlon Brando. ‘Omdat hij dezelfde blik heeft als Marlon Brando’. Ge vraagt u dan af over welke Marlon Brando ze het hebben maar soit. Hij is de liefste en rustigste hond ooit. Dikke vriendjes met Jacky, de poezen en de kinderen. Altijd blij om jou te zien en op zoek naar een knuffel. Toch iemand die je geen monster vindt…

 

Winnie.

IMG_4921

Bergwandjes afsnijden…

IMG_4936 (1)

IMG_4937

Droogmuur in opbouw en bezoek uit België.

IMG_4986

IMG_4990

IMG_5045

Jacky & Tommy zagen dat het goed was…

IMG_5067 (1)

 

Selfie!

IMG_5022

Marlon Brando in tha house!

IMG_5102 (1)

IMG_5121 (1)

Iedereen heeft een eigen modegevoel…

IMG_5170

Als het kriebelt moet je wroeten in de grond.

IMG_5297

Love is…elkaar bijten.

IMG_5305

On top of the world! (Rochebloine)

IMG_5337

IMG_5355

IMG_5361

Love is… samen slapen.

IMG_5383

Koppenlopen in Lyon…

IMG_5393

IMG_5415

Wat zand van papa’s graf in BXL en van Jozef: de lege urn, zijn leesbril en laatste pintje. Ze zullen ons zelfgebouwde huis nooit zien maar staan wel mee aan de voet ervan…

 

IMG_5448

IMG_5458

IMG_5460

IMG_5485

IMG_5495

IMG_5505

IMG_5516

Het hout voor het houtskelet ligt al klaar.

IMG_5543

Het peperkoekenhuisje & een boos kindje met groene cowboyboots.

IMG_5722

Het peperkoekenhuisje & het breakdansend kindje.

IMG_5844

Feestvarkens en boudins

En dan ben ik jarig. En mijn telling is ergens blijven steken op 35 lengtes al is het ondertussen al heel wat meer vermoed ik. Niet dat het me echt wat kan schelen maar op zijn Freudiaans blijkbaar wel.

En ik wacht op een telefoontje dat nooit zal komen. Papa was altijd één van de eersten om te bellen. En dan zat je daar wat te gniffelen en te blozen aan de telefoon door al die lieve woorden. En dan kon je dag niet meer stuk want je was dan sowieso al dé prinses van de dag.

Gelukkig werden er door vele attente mensen wat pleisterkes geplakt op die wonde waarvoor nogmaals hartelijk dank.

En ik gaf een groot feest voor alle mensen die ons hier zo met open armen hebben ontvangen, vrienden van diverse  pluimage als ik ze zo bijeen zag. En man wat is er daar gegeten en gedronken. Bourgondische taferelen.  Als ik vertel dat enkele oude  elpee’s van Madonna en Michael Jackson ons zodanig in vervoering brachten dat we, als een bende zestienjarigen, luidkeels meezongen en rondsprongen en onze beste Jackson’s moves tentoonspreidden, zegt dat voldoende zeker?

En net bekomen van het ene weekend werd dit vervolgd in het tweede weekend toen we met open armen werden ontvangen bij Chris en Francis, daar waar de lente reeds te voelen is. En Chris die toverde daar het ene smakelijke gerecht na het andere op tafel. Kazen, confituren en andere geheime recepten werden gedegusteerd en met ronde buik goed bevonden. Chris is wat ze noemen een ‘keukenprinses, pur sang’ waarbij je een week zou willen meekoken om al die tips en weetjes en trucjes ook onder de knie te krijgen. En Francis laat vol trots zijn Chataigneraie zien die hij terug in ere probeert te herstellen en waar hij zoveel over kan vertellen. En als ge als 70 jarige nog met bomen op uw rug zeult dan kan ik daar alleen maar met heel veel bewondering naar kijken. Fons neemt afscheid met de woorden dat hij zeker nog eens terug wilt komen naar dit ‘zes sterren hotel’ en wie Fons kent, weet hoe zuinig hij is met complimenten.

En dan nog even binnenspringen bij Dries en Tine van La Ferme de Gaston en dat blijken dus echt zulke toffe mensen te zijn als ze op hun blog uitschijnen. En wat hebben we onze ogen uitgekeken op hun prachtige bio varkensboerderij met al die schoon beesten. En we dachten dat we ook schapen zagen maar dat bleken Hongaarse varkens met lang haar te zijn. Maar wat maakt dat ook uit, alles werd geknuffeld en geaaid. En wat hebben we weer veel bijgeleerd over de boerenstiel en nog maar eens beseft wat voor zwaar werk dat dat is. En wat wonen zij in een prachtig peperkoeken huiske met een gigantisch laurierbos voor de deur.

En ook hier een koffietje met een stukje appeltaart op het terras in de zon. En wat doet dat deugd na al die weken van regen en regen en nog eens regen. Pffff wij dachten dat we hier beter af zouden zijn dan in België maar met al die klimatologische veranderingen weet je het nergens meer zeker.

En wij rijden naar huis met overvolle buikjes en een hoofd vol met inspiratie en een hart vol bewondering. Want echt, hoe knap is dat niet al die verschillende mensen en van alle leeftijden die zo maar naar het ‘beloofde land’ trekken en daar van nul beginnen. En al dat gewroet en soms al die twijfels en het ‘niet meer zien zitten’ is ook zo herkenbaar.

En afgelopen weekend sloeg de sneeuw en koude weer toe. Net nu we bloedworsten zouden draaien voor de kerk ten voordele van de school. En Bert stond daar gedrenkt in varkensbloed met enkele mannen wat flauwe moppen te verkopen in het schoolkeukentje dat helemaal rood gekleurd was. Buiten verwarmden de mensen zich aan een vuurke en de vin chaud. Ik sloop met een onderkoeld Gustje de kerk in om naar het orgelconcert te luisteren. En ik voelde me ineens zo dicht bij papa. Alsof een kerk dan toch zo’n tussenstuk is tussen de aarde en de hemel. En ik zat daar wat geëmotioneerd te luisteren naar die prachtige muziek en dicht bij papa te wezen met Gust tegen me aangedrukt terwijl mannen met bebloede onderarmen binnen en buiten liepen en kinderen warm ingepakt tussen de kerkstoelen op de grond speelden. En ik dacht: al die emoties op zo’n paar vierkante meters, dat kan echt alleen maar in Nozières.

 

Het ****** sterren hotel ‘Chez Chris & Francis’:

1063236_499287286857019_340009881_n 1616645_499287276857020_1456840923_n 1616393_499287290190352_213687866_n 1608488_499287293523685_230308914_n(Photo’s by Chris)

 

Bij Tine en Dries:

Gust doet een heel verhaal over een kromme wortel, een klein varkentje en houdt stevig zijn net verkregen ‘vleesjes’ vast.

IMG_5616

IMG_5598

 

Het laurierbos:

IMG_5591

IMG_5589 IMG_5581 IMG_5573 IMG_5552 IMG_5547 IMG_5535

 

 

Oei, daar had Gust even geen rekening mee gehouden…IMG_5529 IMG_5527

Het grootste varkentje van allemaal…

IMG_5509

Als de grijze dweil efkes optrekt zien we de Alpen:

IMG_5504

 

Gust doet een dutje op Fons’ schoot – broederliefde…

IMG_5501

 

 

 

Een bijzon of Parhelium:

IMG_5498 IMG_5497

 

Bonnie & Clyde:

IMG_5488

 

 

Matinée Boudin:

IMG_5496

DSC_0175  923080_10152627443974832_400046557_n

 

Oproep! Appel!

Chantier participatif eco- & auto-construction d’une maison en paille en Ardèche:

– objectif : réaliser une maison bottes de paille ossature bois

– période : de début avril à fin septembre

– personne à contacter et référente :

Swaane & Bert 06 40 59 22 90

– les différentes étapes :
* février: fondation en béton
* avril: pose de l’ossature bois
* mai: toît tuiles, isolation paille
* à partir de juin: montage des murs en paille,  enduits grebb, sol en terre,…

Un espace de campement ou des chambres à coucher  sont prévus. Nous vous cuisinerons trois fois par jours des repas avec des produits locales et biologiques.

Merci en avance!
Swaane, Bert et leurs trois petits garçons.

 

————————————————————————————————————————–

 

Hallo iedereen,

Eindelijk is het zo ver, vanaf april beginnen we er aan: zelf een huis bouwen met strobalen.
Alle hulp is meer dan welkom en het werk dat verricht moet worden is zeer gevarieerd: helpen bij de bouw, aanleggen moestuin, ondersteuning bij het huishouden (ik moet schrijfwerk combineren met koekjes verkopen op de markt, eten maken voor het werkvolk en voor de kids zorgen).

Iedereen die zin heeft om de handen uit te mouwen te steken en mee te werken aan een mooi project, in een prachtige omgeving, met lekker eten en leuke mensen, laat het ons zeker weten! Dan bespreken we samen wat er wanneer moet gebeuren en hoe we een slaapplaats regelen etc
Email: swaanelauwaert@mac.com

Alvast SUPER BEDANKT!!!!!

 

OVERZICHT WERKEN/PLANNING: (onder voorbehoud van de weersomstandigheden en onvoorziene obstakels)

* FEBRUARI: fundering

* MAART-….: opbouw stenen muur om bergwand te stutten

* APRIL: houten constructie huis – dak – terrassen

* MEI: dak

* JUNI: strobalen, ramen en deuren plaatsen (electriciteit/loodgieterij)

* JULI: muren bewerken met Grebb en hout

* AUGUSTUS:

vloer van aangestampte aarde

binnenin alles afwerken: tussenverdiep, keuken, badkamer,…

* SEPTEMBER/OKTOBER/….: afwerking

LET OP: veel werk zal door elkaar lopen, dit is een simpele indeling van het werk. Sommige dingen zullen ook langer duren, ander dan weer korter al naar gelang het aantal helpende handen.

 

BOUWWERKEN:

Er wordt gebouwd op het eco lotissement LES RABARINES 07270 Nozières (Ardèche). Zo’n 860 km van Brussel. Hoog in de bergen (+/- 1000 m hoogte) met een prachtig uitzicht en genoeg riviertjes om zich te verkoelen tijdens de hete middagen.

 

KOST EN INWOON:

Wij voorzien slaapplaats: ofwel bij ons thuis (Launière), tijdens de zomermaanden kamperen wij naast de bouwgrond, als er vrienden weg zijn kan er ook bij hen gelogeerd worden. Drie maaltijden per dag worden voorzien!

 

 

 

barnraising IMG_3236-640x478 IMG_3975-640x478 straw-bale-home-9

Goede voornemens

Het jaar 2013 was een jaar dat we heel wat mokerslagen te verwerken kregen. Op hetzelfde moment dat we hier in Frankrijk een nieuw leven opbouwden leek het wel of alles in België afbrokkelde. Het jaar 2014 kan dus niet veel slechter, dat lijkt me een hele geruststelling.

Ik begon het jaar goed met het voornemen om definitief te stoppen met roken in navolging van Bert die al meer dan een maand zonder peukies leeft. Dat geweldige voornemen werd al op dag twee geschonden maar dat kwam dan weer door overvloedig alcoholgebruik dus dan maar meteen beslist om daar ook wat paal en perk te stellen. Want in een jaar vol tranen wordt een wijntje een heerlijke troostmakker. En dat zou dan toch ook een gunstige invloed moeten hebben op de lichaamsvormen dus qua clichés kunnen deze voornemens wel tellen.

En ik wil ons huis bouwen. In een eigen nest kunnen kruipen. Een zelfgemaakt huis, gebouwd met je eigen handen, lijkt me heerlijk. De spanning van het ‘kampenbouwen’ als kind maar dan nu ietsje groter. Hopelijk met zeer veel helpende handen zodat er van vele mensen een stukje mee in de muren kruipt. Want wat ik ook heb ontdekt tussen al die miserie is dat we een geweldige groep vrienden hebben en dat we vanuit zoveel onverwachtse hoeken hulp aangeboden kregen. Allemaal lichtjes in duistere tijden. En papa en Jozef als beschermers in de buitenmuur. Voor eeuwig genietend van het mooiste uitzicht ter wereld.

Maar een huis bouwen, ook al doe je het zelf, kost geld. En met al die tegenslagen, dat heen en weer gereis, rekeningen die betaald moesten worden, zagen we ons huis met de minuut een vierkante meter kleiner worden. Dus nu moet er gewerkt worden. Brood op de plank en strobalen in het huis. We moeten tijd en ruimte krijgen om iets uit te bouwen. Mijn hoofd suist van de ideeën. In deze geïsoleerde en arme streek zal dit één van de grootste uitdagingen worden maar ik ben hoopvol. En mensen die me kennen weten dat ik wel van een uitdaging houd.

En ik ontmoet papa zo dikwijls in mijn dromen maar verjaag hem met al mijn tranen en smeekbedes om te blijven. Ik snik mezelf wakker. Hij bestaat echt in die andere wereld. Daar is hij nog. Levensecht. Ik neem me voor om de volgende keer geen tranen te laten en met hem te praten en wie weet zelfs wat te lachen. Ooit zal ik gewoon naar hem toe kunnen wandelen en praten we bij op een bankje. Zij aan zij. Handen in elkaar. Hij die me glimlachend aankijkt. En ik die van alles vertel.

En het jaar is nog maar pas begonnen of het nieuws van kersverse baby’s in aantocht slaat ons om de oren. Twee van hen zijn nu al mirakeltjes. En ik ben er zeker van dat papa daar voor iets tussen zit. Ik ga deze baby’s knuffelen en besnuffelen en hen diep in de oogjes kijken om de geheime boodschap die ze met zich meedragen te ontcijferen.

En dan is er nog dat boek. Hoofdstuk zeven. Schrijven is heerlijk maar ik heb me nog nooit zo klein en onzeker gevoeld bij elk lettertje op zo’n groot wit vel. Ik heb nog nooit zoveel aan zelfkastijding gedaan als nu. Het is de grootste berg ooit die ik beklommen heb. Soms wil ik opgeven en terug naar beneden gaan. Daarom een kleine onuitwisbare reminder voor mezelf, voor papa en voor alle mensen die soms verloren lopen op uitgestrekte blanco pagina’s.

‘A prayer for the wild at heart, kept in cages.’

IMG_5453

Family time in La Belgique:

Ardennen 4 Ardennen 5 Ardennen 6 Ardennen 7 Ardennen 8 Ardennen 9 Ardennen 10 Ardennen 11 Ardennen 12 Ardennen 13 Ardennen 14 Ardennen 15 Ardennen 16 Ardennen 17 Ardennen 18

Ridders in Nozières:

IMG_5092

IMG_5101 IMG_5191

Frietenbak op ‘t school:

IMG_5293

Jozef:

IMG_5299 IMG_5303

Het sneeuw, het regent, de zon schijnt….vervelen doe je je hier nooit.

IMG_9243 IMG_9249 IMG_9255 IMG_9257 IMG_9260 IMG_9262 IMG_9270 IMG_9272

Ondraaglijke schoonheid en Marsmeloenen

Ja ik weet het. Het is lang geleden dat ik nog eens in mijn pen ben gekropen voor mijn blog. Maar de tijd was er niet echt naar. Zo wat schattige dingen opschrijven over ons leven op den berg leek zo banaal tussen al die stormen van menselijk verdriet. Ik vond den draad niet.

Ik liep in mijn hoofd van voor naar achter in de tijd en besefte dat er zoveel gebeurd is. Zo op de wilde boef met de caravan half Frankrijk doorkruist om dan toch ergens, in the middle of nowhere, ploef, op uw plooi te vallen. En dan zit ge twee dagen in uw tijdelijk huis en krijgt ge telefoon van Jozef. Dat hij vol kanker zit. En dan begint een helse lijdensweg. En dan ergens in februari, als ik het me nog goed herinner, krijgt ge telefoon dat er niets meer aan te doen is en dat alle behandelingen worden stopgezet. En nog geen uur later belt mijn vader om te zeggen dat de tumor in zijn hoofd weer tot leven is gekomen en dat de dokters hem nog een houdbaarheidsdatum van zes maanden hebben gegeven. En dan zit ge daar met twee voor de open haard, te staren naar het vuur. En ge zegt niets want er zijn tranen genoeg en ge denkt allebei hetzelfde: ‘Amai dat gaat een zwaar jaar worden, 2013’. En zo geschiedde.

In de lente zijn er tranen voor Jozef die de spits afbijt. Daarna komen we weer wat op adem en ik hoop vurig dat wij even gespaard zullen blijven van de tweede shock. De zomer kondigt zich aan en we worden meegezogen in bruisende weken van hard werken, hete zomerdagen, verfrissende rivieren, eten, drinken en dansen met vrienden die komen en gaan onder prachtige sterrenhemels. ‘t Was allemaal zo goed en idyllisch begonnen totdat het noodlot nog een tweede keer toeslaat want ja, natuurlijk houdt het leven er een eigen agenda op na.

En voor de tweede keer wordt het een helse rit naar België, bang dat ge te laat zult komen. En ook met de wetenschap: als ik terugkom naar den berg dan heb ik geen vader meer, dan zijn we beiden vaderloos en hebben de kinderen geen opa’s meer. En papa beslist dat het genoeg is geweest, dat het geen leven meer is zoals hij er nu aan toe is. En tussen de beslissing en de uitvoering resten ons nog vier uren. Vier uren die de langste en kortste uren van mijn leven zullen worden. De tijd wordt volledig vervormd. We leven in een andere wereld. En ondanks de tranen wordt er ook overvloedig gelachen, geknuffeld, gefruld, gesnuffeld. En papa kijkt ons allemaal nog eens diep in de ogen en zoef, weg is hij. Zo snel gaat dat dan, vaderloos worden.

En dan wordt er een crisiscentrum opgericht voor de begrafenis. Open geklapte computers, rinkelende telefoons, vergadering en overleg. ‘Als het niets wordt met onze jobs beginnen wij gewoon een evenementen bureau met de hele familie’, proesten we het uit als we zo naar onszelf zitten te kijken. En het loopt perfect. Helemaal zoals papa het zelf had uitgedacht. En erna zijt ge alleen maar heel heel moe. En ge hebt nergens nog zin in.

‘Nooit meer zien’ klinkt absurd, een gemene grap, het kan gewoonweg niet. En omdat uw hersenen dat niet willen en niet kunnen behappen negeren ze het dan maar. Af en toe dringt het door. Dat is dan zoiets als een klop van een hamer krijgen. Ge zijt dan echt in shock. En ik word daar ook bang van. Dat definitieve karakter van de dood is geen lachertje.

Maar er gebeuren ook mooie dingen in het licht van al die miserie. Ge bekijkt het leven toch iets anders. Ik maak me veel minder druk in dingen, zeker banale zaken en dat zijn er eigenlijk nogal veel merk ik nu. En dat wilt veel zeggen voor het stresskieken en het piekermieke dat ik soms kan zijn. En ik doe ineens allemaal dingen die al heel lang op mijn to do lijstje stonden: Lindy Hop, keramiek (ik maak een tegel van Jozef en papa die we gaan inbouwen in het huis), Qi Kung en het meest belangrijke: schrijven, schrijven en nog eens schrijven.

Dat schrijven opent enorm mijn ogen en ik vind het een uitdaging om woorden te vinden voor bepaalde gevoelens en sferen. Want hoe brengt ge met woorden de sfeer in beeld van een troosteloze Brusselse buurt op een herfstige valavond die Bert en mij allebei instant depressief maakt? Of hoe beschrijft ge de soms ondraaglijke schoonheid van de natuur en de bergen die ons tegemoet komt als we de Ardèche binnenrijden?

En de jongens, mijn drie musketiers, die doen dat goed. Op school, in ‘t Frans, met hun vriendjes, hier zo in de natuur. Fons houdt zo van Gust dat die altijd aan diens oortjes likt, tot groot jolijt van Gust. Gust die nog altijd een naaktloper is en waarschijnlijk nooit uit zijn pipi-kaka-poep fase zal geraken. Dat is volgens mij een hopeloos geval geworden. En Jules blijft de clown met zijn gekke woordjes. Zo wil hij dat we ‘marsmeloenen’ (marshmallows) kopen om aan een stokje, boven een vuurtje, te roosteren. En Jacky blijft Jacky, de liefste hond ter wereld. Hondstrouw ook. En van de drie poezen is enkel nog onze Winnie over, de Antwerpse stadskat nota bene, die blijkbaar haar street cred hier goed weet aan te wenden. En de moestuin is voor een eerste, toch redelijk chaotisch jaar, een klein succes. Alleen moet ik me volgend jaar inhouden wat courgetten betreft want na vier maanden enkel courgetten fretten kan ik ze niet meer ruiken, noch zien en al helemaal niet meer proeven.

La Douce France:

IMG_2089

64412_10201047645926304_199610370_n

IMG_1907

IMG_1911

IMG_1927

 

 

 

IMG_4153

IMG_2090

IMG_4191

IMG_4099

IMG_4113

IMG_4164

IMG_4292

IMG_4294

IMG_4434

IMG_4455

IMG_4210

IMG_4212

 

De bouwwerken liggen al na 1 dag stil. Tijdens het maken van terrassen stuit men op een waterleiding. Nu is het wachten op documenten die ons een extra stukje grond zouden bezorgen zodat wij ons huis iets kunnen opschuiven. Voor alles is een oplossing al moet je veeeeeel geduld hebben hier.

IMG_3975

 

Voor wie ons niet gelooft: er wordt tussen al dat genieten ook nog duchtig gewerkt.

 

IMG_4202

IMG_4244

 

Toen waren courgetten nog populair.

IMG_4481

IMG_4709

IMG_4710

IMG_4711

IMG_4712

Voorproefje winter.

IMG_4755 1

IMG_4761

 

Ondraaglijke schoonheid.

IMG_4822

IMG_4823

IMG_4824

 

Op bezoek bij kapper Maaike in Amsterdam.

Papa1

 

Eerste schooldag, soms ook te voet.

IMG_4649

IMG_4754

 

Enkel interesse in…ja…u raadt het al….

IMG_4878

Soms zijn er zo van die dingen die me mateloos fascineren en waarbij ik allerlei verhalen verzin. We maken het huis van Jozef leeg en ik vind in zijn nachtkastje twee afgeknipte broekspijpen….

IMG_4918

 

 

En zoveel onbekende gezichten.

IMG_4924

En het hoeven niet altijd chrysanten te zijn, nietwaar?

IMG_5031