ON EST PARTI! Een nieuw leven beginnen in Frankrijk.

Category Archives: Youps

A tribute to Youpie

YOUPIE aka DE WOESTE GRIEKSE KRIJGER!

(Born: ? Thessaloniki, Greece. Died: 11/05/2012 Le Crestet, France)

 

Youps is niet meer…

Zijn toch wel bewogen en avontuurlijke leven verdient het om neergepend te worden.

Het begon ergens, niemand weet juist wanneer, op de straten van het Griekse Thessaloniki. En dat verklaart ook meteen zijn naam, Youpie , want nee, die kozen wij niet zelf, maar is in het Grieks, zoiets als ‘Bobby’ voor ons. Daar is hij geboren tussen die zovele andere strattiers waar nooit over geschreven wordt. Maar Youpie zijn leven zal wel een hele aparte wending nemen.

Youpie is gekend in de straten van Thessaloniki en mijn moeder vertelt me pas later dat hij daar ook wel Ares wordt genoemd, ‘de God van de oorlog’ en dat heeft alles te maken met zijn heldhaftig verleden.

Eén van die verhalen gaat als volgt: in de straten van Thessaloniki, is er een zeer gemene pitbull die zowel hond als mens, terroriseert. Hij denkt dat hij alles mag en kan en is zeer agressief. Iedereen is bang van hem.Maar dat is uiteraard buiten Youpie gerekend. Youpie is klein, en ook niet zo heel erg slim, maar wel zeer moedig. Misschien met momenten overmoedig, maar ja, niemand is perfect, n’est pas?

En op een dag heeft Youpie zo genoeg van al dat getreiter en die bangmakerij dat hij het durft om met die pitbull een gevecht aan te gaan! En on top of that, tijdens dat gevecht met dat gevaarlijke, zoveel grotere monster, bijt hij diens oor af! Youpie geraakt hierdoor zelf zwaar gewond maar de strijd is beklonken en de pitbull druipt af.

Youpie zijn achterpoot is bijna van zijn lijfje gerukt en half doodgebloed wordt hij gevonden door Thomas, een Griek die in Thessaloniki leeft. Hij ontfermt zich over de halfdode Youpie maar geen enkele dierenarts geeft hem nog een kans. Maar Thomas zet door en na enkele weken van zweven tussen leven en dood, komt hij erdoor! Het is een waar mirakel maar Youpie kan terug de straat op en wordt door iedereen als een held onthaald!

Maar dan is Youpie nog niet in België, laat staan in Frankrijk.

Het verhaal vervolgt zich op een trein. Waar mijn mama, op reis doorheen Griekenland, Thomas leert kennen en ze verliefd worden op elkaar. Als mama Thomas gaat bezoeken in Thessaloniki hoort ze van Youpie en komt ze hem ook af en toe tegen in de straten daar.

Maar de Olympische spelen loeren om de hoek en de straten van Griekenland moeten ontdaan worden van hun vele straathonden die allemaal vergast worden. Mama kan de gedachte niet verdragen dat dit lot misschien ook Youpie is beschoren en besluit weer iets te doen, dat voor diegenen die haar kennen, echt typisch mijn moeder is. Ze besluit namelijk Youpie mee te nemen op het vliegtuig richting België! Maar hiervoor moet Youpie ten minste al drie maanden ingeënd zijn tegen weet ik niet veel wat. En daar is dus geen tijd meer voor. Mijn moeder beweegt tenslotte hemel en aarde, lees: koopt een dierenarts om, die Youpie inent en die inentingen antidateert in zijn identiteitsboekje.

En dus zo belandt Youpie na een lange vlucht, in een kooitje met voor ‘t eerst in zijn leven een halsbandje om, in België.

Maar hoe graag mama hem ook ziet, Youpie blijkt niet zo lief te zijn voor mama’s poezencollectie en ja, er kan nu eenmaal niemand tussen mama en haar poezen komen.

Dus krijgen Bert en ik, die net samen zijn en druk bezig een Walrus te laten groeien uit een bouwwerf, een telefoontje. ‘Of we Youpie niet heel even in huis willen halen? Echt niet lang. Tot zij een goede thuis voor hem heeft gevonden.’

En zo geschiedde.

En zoals dat meestal gaat zijn we na één week al helemaal verzot op dat wilde, bijna ontembare beest dat zich altijd losrukt en als een half dolgedraaid wild dier wegrent en probeert in de banden te bijten van voorbijrijdende aanhangwagens. En hij blijkt niet alleen een gruwelijke hekel te hebben aan aanhangwagens, ook witte schoothondjes en mannen met oranje broeken wekken enorme woede op bij hem.

 Youpie trekt bij ons in.

En omdat hij Grieks ‘spreekt’ duurt het een eeuwigheid voor hij één van onze commando’s begrijpt. En van stokken terugbrengen of achter een bal hollen zal er zelfs nooit sprake zijn. Youpie houdt van de vrouwen en wil telkens opnieuw vechten met de mannen. Met andere woorden: hij is een echte zuiderse macho. En zijn hoogmoed heeft verstrekkende gevolgen: we belanden meermaals met een gewonde Youpie bij de dierenarts. Het lijkt maar niet tot hem door te dringen dat een Duitsche scheper of iets anders van dat formaat, niet echt iets is waar je als klein hondje zomaar in kan bijten.

Maar hoe wild en agressief hij soms ook kan zijn, hij is het nooit met kinderen. Hij heeft ze allemaal geboren weten worden. De roedel breidt zich keer op keer uit en met een snufje en likje wordt de nieuwkomer direct aanvaard. De kinderen mogen zoveel staartje- of oortjetrek doen als ze willen. Hij zal enkel met een ‘kajiet’ aangeven dat hij dat absoluut niet leuk vindt.

De roedel breidt zich uit.

Kids are everywhere pffff

De laatste keer samen spelen

De hoge ouderdom maakt hem met momenten ‘a grumpy old man’ maar hoe zouden we zelf zijn. Met een lijf dat niet meer echt meewil.

En dan is er die zomerse avond, gisteren,  in Frankrijk. Youpie heeft enkele dagen ervoor, na een encounter met een andere hond, voor de derde maal een hyperventilatie aanval gekregen. Deze keer duurt het langer voor hij weer normaal kan ademenen en de dagen erna merken we dat hij erg moe is. Dus besluiten we hem rustig in de caravan te laten slapen terwijl wij op bezoek gaan bij vrienden in de buurt.

Het is een super leuke avond en luid zingend rijden we terug naar ons caravannetje. Maar die uitgelaten sfeer slaat helemaal om als we Youps dood aantreffen. Hij lijkt vredig te slapen dus we kunnen alleen hopen dat het een rustige dood is geweest. En daar zit ik dan ineens, snotterend aan zijn oortje te frullen tot het te koud is om buiten te blijven zitten. En ‘s nachts word ik wakker omdat het veel te stil is. Geen snurkende oude hond, geen stinkscheten, geen gewroet omdat hij moet plassen.

‘s Morgens kruipen de jongens bij ons in bed. We liggen als sardientjes in een blikje naast elkaar en zij fantaseren over de hondenhemel. ‘Zou hij er al aangekomen zijn? Met wie zou hij spelen? En of er ook poezen zijn want daar loopt hij zo graag achter? En mag hij dan eindelijk alles eten wat hij lekker vindt? Maar hoe kunnen geesten nu eten als ze doorzichtig zijn?’ Etc

Hij krijgt een prachtige begrafenis op de mooiste plek ooit. Onder een hele oude kerselaar met een geweldig uitzicht op een vallei. Met kaarsen, bloemen en muziek. En met veel honderbrokken want de jongens hadden schrik dat hij anders honger zou krijgen onderweg naar de hemel.

Het regent en het is heel mistig. We zitten echt tussen de wolken. Bert vertelt de jongens dat we Youpie tot aan de hemelpoort hebben gereden zodat hij minder ver moet lopen en dus zeker geen honger zal leiden.

Na de begrafenis rijden we door richting Pyreneën. Met in mijn buik een wee gevoel en een hart dat wringt. We laten een reisgenoot achter maar ik ben zo blij dat hij bij vrienden begraven is en niet ergens helemaal alleen. Dank hiervoor aan Hanne, Jonas, Mingus en Oskar!

 

 

 

 

 

 

De Joskes!

En dan breekt de dag aan waar we allemaal zo naar hebben uitgekeken.

Gisterenavond kregen we bericht dat de Joskes onderweg zijn naar ons! We pakken ons boeltje in en rijden richting Pont d’Arc waar we samen een weekje vakantie zullen doorbrengen.

Het is verschrikkelijk slecht weer en als we door de bergen rijden sta ik doodangsten uit. Het regent pijpenstelen, er staan stevige rukwinden en de wolken hangen zo laag dat we amper iets zien. Maar we komen heelhuids aan en alsof ook de weergoden weten dat de Joskes er aan komen stopt het eindelijk met regenen.

En wat een heerlijk weerzien is het! Ondanks het modderige terrein en de vochtige koude lucht zijn de kinderen direct vertrokken in hun samenspel en babbelen de mama’s en papa’s honderduit.

En Gust, ja die is overduidelijk verliefd. Als hij ‘s morgens zijn oogjes opendoet is er maar één vraag die telt: ‘Waar is Nina?’. Heel de dag is het ‘Nina!’ of ‘Nini!’ wat de klok slaat en rent hij achter haar aan. Nina slaat er, zoals het een echte prinses betaamt, weinig acht op.

Maar ze delen samen één liefde en dat is Youppie, onze oude Griekse rakker. En hij laat zich al die aandacht wel bevallen. Hij rolt en dolt in het gras alsof hij weer een dartelend puppietje is. Hij vindt het zelfs zo leuk dat ze aan zijn oortjes mogen komen, zijn meest gevoelig plekje.

Er wordt ongelooflijk gespeeld in die vijf dagen en Nina staat zo flink haar mannetje tussen al die jongens.

En de grote mensen doen wat ze het liefst doen als ze op vakantie zijn, zo weinig mogelijk. We brengen een bezoekje aan de Pont d’Arc, echt een magische plek.

Eten een ijsje in het dorp.

De mannen spelen dagelijks een eigen versie van petanque, nl Mudball terwijl de vrouwen zich ontfermen over het eten.

En voor de rest genieten we van ons prachtige plekje in de Gorges aan de oever van de Ardèche.

Wat gaan we de Joskes missen…

En toch ook af en toe les in de mooiste klas van de wereld!