ON EST PARTI! Een nieuw leven beginnen in Frankrijk.

Category Archives: Moestuin

Tijd die door je handen glijdt en een wereld die davert

Tja, het leven gleed door mijn handen. Ik had nochtans zo’n drang om te schrijven maar er was wederom die heerlijke zomerdrukte. En dat gaat hier gepaard met zo’n kracht dat ge ineens maanden vooruit wordt gekatapulteerd.
Vrienden, familie, vrijwilligers stromen toe, steken de handen uit de mouwen en bedelen om wat aandacht. En dat wordt met veel plezier gegeven. Ik laaf mij daar aan. Ik leg een reserve potje aan voor de eenzame, stille wintermaanden.
Het strobalenhuis groeit traag maar gestaag. Ik begin voorzichtig te dromen van verhuizen, ergens, hopelijk, volgende zomer…?
Er was werk, veel werk. Koeken bakken, winkeltje spelen, markten doen, huizen kuisen, klusje hier, klusje daar en koken. Ja ik heb de ziel uit mijn lijf gekookt tijdens de vele stages. Geweldige momenten waren dat.
En het was warm, zeg maar, schroeiend heet. Weken zonder een spatje regen. Ik kan me er al niets meer bij voorstellen. Als ik nu naar buiten kijk zie ik dreigende zwarte wolken, kletst de regen tegen de ramen en voeren de bomen een grillige dans uit.

De moestuin heeft erg geleden onder de hitte en mijn afwezigheid. En dat had zo zijn gevolgen voor de oogst. Laten we die gewoon maar als ‘schraal’ omschrijven. Ach ja, je kan niet alles tegelijk doen en volgend jaar beter!

En bij het vallen van de bladeren eigende ik mezelf een schrijvershol toe. Een kamertje in het oude gemeentehuis. Ooit nog het atelier van Freija. Een kamer vol geschiedenis en verhalen. Heerlijk zo’n eigen plek. Ik kan het iedereen aanraden! Een plek waar geen vuile werkmanskleren rondslingeren. Waar geen stro door de lucht dwarrelt. Waar vuile kinderhandjes geen plakkerige sporen kunnen achterlaten.

De jongens trokken na twee maanden ‘vrij leven’ weer naar school. Wat regelmaat en structuur werd door iedereen warm onthaald. Fons zijn laatste jaar in het kleine dorpsschooltje met zijn 34 leerlingen. Het zal wennen worden volgend jaar op ‘de grote school’ in Lamastre. Maar hij is er klaar voor. ‘De kleintjes’ beginnen hem danig op de zenuwen te werken.

En ik schaafde mijn Frans bij. Om mezelf uit mijn isolement te krijgen van afgelopen winter. En ook al staat er nog veel haar op, elke dag klinkt het ‘echter’. En het heeft me zeker geen windeieren gelegd. Na de aanslagen in Parijs, die de wereld doen daveren, bleek het maar goed dat ik me kon mengen in menige discussies. Oeverloos praten en discussiëren zit de Fransen in de genen. Maar een genuanceerde opinie, een onderbouwde mening, jezelf af en toe het zwijgen opleggen… dat is spijtig genoeg niet velen op deze wereld gegeven.

En tussen al dat verbaal en fysiek geweld in de wereld probeer ik een rustig nest te creëren voor mijn kinderen. Ergens op een berg in Frankrijk. In de bossen. Een grote houtstapel herinnert er ons aan dat ze vanaf volgende week sneeuw voorspellen. Dan zal het wonderlijk stil worden en voel je je geborgen. Ik heb die luxe en daar kus ik mijn beide pollekes voor. Ik voel het als mijn plicht, om als tegengewicht voor alle miserie in de wereld, het beste te halen uit het leven. Elke dag opnieuw.

11113910_10154295993379832_9167212707318361456_o

11265395_10154295983309832_166695508491524533_n

11999706_10154295998254832_8846409298596175558_o

12002553_10154295988854832_853701122067097437_o

12014968_10154295994189832_4219252439975583246_o

12015164_10154295998374832_2737895281245185593_o

12022328_10154295992559832_4071624976632945402_o

12038691_10154309871604832_8596417297988434042_o

12039195_10154295987159832_2532719041073869788_n

12042608_10154295986774832_4153466923191685016_n

12045428_10205376010905182_1968004264993890595_o

12068510_10154295988484832_5648538990332919479_o

12080350_10154305394824832_2821950672919545400_o

12095277_10154309871469832_407021215842716937_o

12182507_10205376009785154_3990892993941368284_o

12187994_10205376010105162_818511973682914739_o

IMG_20151110_173949

IMG_20151117_174407

Winter blues

Mijn god, wat een bevalling is deze blog geweest. Maanden in mijn hoofd rondgezworven en nu op papier. Bewogen maanden in een vorm proberen gieten.

Ooit zei iemand me: ‘na een jaar of twee, drie val je van je roze wolk…’
We hadden het niet over onze relaties maar over het emigreren. Ik, die toen nog volledig op mijn roze wolk vertoefde, kon me daar niets bij voorstellen. Vandaag, bijna drie jaar verder, stel ik toch wel wat barstjes vast in mijn utopisch beeld.

En misschien ligt het wel aan de lange winter? De koude, de korte dagen, de duisternis? Omdat het nu zo rustig en stil is in het dorp? Omdat er heel wat vrienden vertrokken zijn? Of omdat onze relatie wat onder druk heeft gestaan? Misschien omdat de Kerstmarkt ons niets heeft opgeleverd? Omdat geld verdienen zo verdomd moeilijk is en zonder geld, geen huis en geen brood op de plank? De bouwwerf die er akelig stil bijligt. Of omdat ik een rusteloze ziel heb die soms moeilijk van “het moment” kan genieten? Who will tell…

Dit kleine dorp dat ooit voor mij het paradijs op aarde was, beter kon het bijna niet worden, heeft meer reliëf en realiteit gekregen. Vroeger vond ik dat iedereen hier zo lief, open en hartelijk was. Maar stilaan ontwaar ik nog een andere kant. Mensen die ons, buitenlanders, niet zo goed gezind zijn en die we niet snel zullen ontmoeten.

Grosso modo tekenen er zich drie lijnen af onder de plaatselijke bevolking:
De echte Ardèchois of de ‘anciens’. De boeren die hier al generaties wonen. Grote families met statige namen zoals Desbos, Forot, Barralon. Sommigen zijn ‘open minded’ en zijn blij met ‘nieuw bloed’. Anderen willen dan weer niets met jou te maken hebben, jij ‘die vreemdeling’.
Dan zijn er de ‘baba cools’of hippies. Sinds de jaren zestig is er een grote instroom van mensen die anders en alternatiever willen leven. Gezond biologisch voedsel (de Ardèche was een voorloper in Frankrijk en Europa wat biologische agricultuur betreft), zelfvoorzienend leven, met niet teveel inmenging van de staat en met zo weinig mogelijk kapitalistische druk. Nog steeds trekt deze streek jonge mensen aan die zich in communes vestigen en in coöperatieven werken. Gebatikte T-shirts, regenboogtruien, dreadlocks, yourts en weed zijn hier dan ook schering en inslag.
En dan zijn er de ‘neo rurals’. Mensen zoals ons. Die een hectisch leven zijn ontvlucht, die back to basic willen maar toch ook niet alle comfort en luxe willen en kunnen opgeven. Die een moestuin romantisch vinden, regenlaarzen vol modder avontuurlijk en wildplassen bevrijdend. Maar die tegelijk ook een Ipad en facebook, een warm bad, een wasmachine en van tijd tot tijd een fles lekkere champagne nodig hebben.

En soms voelt ge u wat verloren. Wie zijt ge tussen al die mensen? Zijt ge eerder ‘de Swaane van Antwerpen’ of neigt ge meer naar ‘de Swaane van Nozières’? En in welke categorie valt ge dan juist? Want het is natuurlijk allemaal niet zo simpel, zoals ik hier de dingen in vakjes steek om grip te krijgen op mijn wereld.

Let op, ik vind het geweldig dat ge hier naar een feestje kunt in berg botinnen vol modder of in sandalen met zwarte voeten. Of gewoon zo, op blote voeten. Heerlijk ‘laid back’. En super toch dat er geen haan naar kraait als uw jas bevlekt is of er een gat in uw T-shirt zit waar uw weelderig tierend okselhaar doorpriemt? Niemand draagt hier make up en uw haar in een staartje is gewoon handig. Punt aan de lijn. En douchen? Teveel is niet goed voor de huid en daarbij, water is kostbaar én duur dus 1x per week is ruimschoots voldoende. En dat is heel wat getouwtrek aan de jongens minder. Win-win-win situatie toch?!

Maar eerlijk is eerlijk. Er zit ook een vrouw in mij die zich graag opdirkt. Die graag oncomfortabel en kriebelend maar och zo sexy lingerie aantrekt. Die graag uitgebreid in bad gaat met een kleimasker en een geurend sopje. Die naar de kapper gaan een vorm van therapie vindt. Die zich frisser voelt met een laagje make up. Die graag jurkjes draagt en die zich letterlijk ettelijke centimeters voelt groeien als ze op hoge hakken ronddartelt. In stijl gaan eten, wat sippen aan de nieuwste hippe cocktail van ‘t moment, sorry maar dat blijft echt genieten.

En biologisch voedsel staat hoog op mijn prioriteitenlijst maar soms krijgt het beperkte budget de bovenhand. En wat zou ik graag de seizoenen volgen maar ik kan een tomaat en een krop sla zolang niet missen. En sorry hoor, maar als we met de kinderen eens in de zoveel tijd afdalen naar de grote stad dan rijden wij langs de Quick. Een moestuin is geweldig maar echt belachelijk veel werk. Soms is het zoveel praktischer om een aubergine uit de supermarkt mee te grissen dan maanden te wachten tot er misschien eentje uit mijn graantjes verschijnt. Vorig jaar had ik eigenlijk enkel tomaten, het jaar daarvoor enkel courgetten. Met andere woorden: van groene vingers is er hier nog geen sprake, laat staan van zelfvoorzienend leven.

En ik vind het heel sfeervol als mensen op een feestje spontaan hun instrumenten boven halen, er allerlei folkloristische deuntjes de avond opfleuren en ge in een kring uw volksdanspasjes tentoonspreidt. Maar ik kan er even hard van genieten om thuis met Bert de eighties hits door de living te laten schallen, wij luidkeels meebrullend, mét pruik op én met foute moves. En uiteraard op de achtergrond drie kinderen met vingers in de oren en rollende ogen.

En ik mis mijn dierbaren. Sinds het vertrek van enkele zeer goede vrienden is er toch een leegte. En veel duidelijker dan voorheen mis ik nu de nabijheid van mensen die ik goed ken en liefheb en die mij goed kennen en liefhebben. Ik heb in het verleden veel rondgereisd en heb ook een jaar in Australië gewoond dus ik ben het wel gewoon van lange tijd afgesneden te zijn van alles wat me vertrouwd is, maar toch. Het zit in de kleine dingen. De tater-lunchkes met vriendinnen, met vrienden stevig doorzakken in de Moeskop, knuffelen met Marius en Billie die groeien als kolen, tijd doorbrengen met ons mama die een jaartje ouder wordt, de peptalk, het schaterlachen, het samen genieten. Ook het bruisende stadsleven met zijn vele kleuren en onuitputtelijke energie kan een bron van gemis zijn.

Ijverig probeer ik ook hier vriendschappen op te bouwen. Een Franse versie van Hyacint Bucket indachtig ontsnapt niemand aan mijn ‘dinner invitations’! Maar het is niets nieuws als ik zeg dat een vriendschap moet groeien en dat dat tijd in beslag neemt. Ook is de keuze hier beperkt en vormen taal en cultuur een barrière. Ik voel me dikwijls gehandicapt omdat ik me niet kan uitdrukken zoals ik zou willen. Zo belemmerd. Onzichtbaar. Alsof er een stuk van mijn persoonlijkheid is afgesneden. Alsof er een deel van mezelf hier niet bestaat. Soms voel ik me dom en beschaamd. Wanneer mensen op me neerkijken omdat ik fouten maak. Of nog erger: als mensen op de markt van me weglopen als ze horen aan mijn accent dat ik ‘niet van hier ben’. Zeer vernederend is dat.

Doe daar dan nog een klets financiële stress bovenop en ge weet waarom dit niet zo’n vrolijke blog is. Maar eerlijk is hij wel.

Mijn jongste zus, die zelf al jaren in het buitenland woont, zei me voor mijn vertrek: ‘Eenmaal je naar een ander land verhuist zal je altijd tussen twee werelden blijven hangen. Nooit helemaal thuis in het nieuwe land. Maar vanaf dan ook een vreemde in het thuisland.’ Ontheemd. Ontworteld.

En ik weet het, ik mag niet zagen en klagen. Per slot van rekening heb ik er zelf voor gekozen om naar hier te komen en om afstand te doen van twee goed draaiende horeca zaken, een groot huis, een au pair en god mag weten wat nog allemaal. Ik voel me schuldig als ik denk aan al die mensen die het moeilijk hebben en daar zelf niet voor gekozen hebben. Maar ik ga geen blog bijhouden om alleen maar mooie verhaaltjes te vertellen. Dit is mijn leven zoals het nu is.
En dat de lente nu maar snel begint…

Indian Summer en nomaden

De zomer raast voorbij en de zon verschijnt. Zalige ‘Indian Summer’… Er wordt vlijtig doorgewerkt aan het huis dat een dak vol dakpannen krijgt en waarvan de eerste muren gevuld worden met stro. Elke dag krijgt het een beetje meer vorm, wordt het een beetje meer (t)huis. Zo’n schoon stulpje, om helemaal verliefd op te worden.

Weg uit de caravan terug in ons geleende huisje. Wat een luxe! Wat een comfort! Ook de beestjes zijn duidelijk content. Ik ben het nomadenbestaan soms spuugzat. Maar als alles nu verder wat meezit trekken we volgende zomer in ons zelfgemaakt optrekje. Och wat kijk ik daar naar uit! De Ark van Noah die zal aanmeren op de berg.

We oogsten en oogsten kilo’s tomaten. Het enige dat die ellendige natte en koude zomer goed doorstaan heeft. Dat ik nog een echt ‘bleu-ke’ ben als het op tuinieren aankom mag duidelijk wezen. En mijn eerste jaar ‘permacultuur’ (eerder uit luiheid dan overtuiging) was zeker geen daverend succes al oogt het wel mooi zo’n wilde tuin vol bloemen en planten.

Het nieuwe schooljaar gaat van start en de jongens zijn nu ook met de Franse taal helemaal bijgebeend. Als ge ze zo na de les de school ziet uitrennen om dan met hun ‘copains’ in het dorp kattenkwaad uit te steken, ‘cowboy en indiaantje’ te spelen rond de kerk of samen een caban te bouwen dan denkt ge toch: ‘deze heerlijke kindertijd nemen ze hen nooit meer af!’.

En eindelijk kunnen wij ook even vakantie nemen. We trekken met een hele bende uit Nozières richting zuid Ardèche naar een primitieve camping in een prachtig stukje ongerepte natuur. We sleuren bezweet en zuchtend tenten en zakken de steile bergwand af, struikelen over loszittende stenen, breken teennagels door uitstekende punten maar och wat een paradijs is dat daar! Drie dagen baden we in de zon, zoeken we verkoeling in de rivier, spelen de kinderen samen en hangen de ouders wat rond. La vie en rose… We vergeten de tijd en geven ons over aan wat welverdiend rust. En ok, ik haal mijn knieën helemaal open en sta doodsangsten uit omdat ik in een overmoedige bui, in enkel een badpak, wat lenig en soepel aan speleologie denk te gaan doen en me diep onder de grond waag. Maar daar gaan we hier verder niet over uitwijden…

En we zijn ook weer een jaar verder sinds de beide vaders de laatste adem uitbliezen. Zo snel gaat dat dus. En ook al is het nu wel doorgedrongen dat ze dood zijn en ge ze nooit meer zult zien, het gemis wordt er alleen maar groter op. Hoeveel dingen dat ik ondertussen al niet verzameld heb in mijn hoofd die ik zou willen delen, waarover ik zou willen praten, waarover ik nog iets zou willen vragen. Ik zou ze allebei zo graag het huis willen laten zien. En Jozef zou zo mee dat dak opgeklommen zijn om te helpen. En papa zou genoten hebben van de verhalen en dat ook de oude burgemeester kwam meehelpen met zijn tractor. En ik wil hem vertellen over kleine Marius die om op te eten is. En dat zijn kleinzonen nu zo goed Frans spreken. En dan denk ik ‘amai, als dat nog zo’n dertig jaar doorgaat dan heb ik mezelf een punthoofd bijeen gespaard aan niet gedeelde ervaringen enzomeer.’

En voor alles een eerste keer. Zo droom ik over papa zonder uitbundig te huilen waardoor hij het op een lopen zet. En deze keer liggen we, zoals we op het einde wel meer deden, samen op bed films te bekijken. We praten en lachen om de stomste dingen. Ik voel zijn warmte. Het is zo echt. En als ik wakker word ben ik zeer goedgezind en gelukkig. Net zoals vroeger na een leuke avond met papa. Ik kijk al uit naar onze volgende ontmoeting.

En over ontmoetingen gesproken. Voor het eerst ga ik op stap in Lamastre. Beetje opgetut. Hakjes van onder het stof. En hup, den berg af. Geen kat meer op straat maar het café is wel open. En we mogen tot 23h blijven zitten, stel je voor! Maar dan zijn Freija en ik nog niet uitgepraat. Dus babbelen wij nog uren lustig verder in de auto, aan de rand van een bos, in het pikkedonker onder een prachtige sterrenhemel. Zo kan het dus ook!

En zoveel mensen die passeren en kortstondig of langdurig meehelpen. Heerlijk dat de wereld naar ons toekomt. Voor de kinderen ook een geweldige tijd met zoveel nieuwe ervaringen en mensen. Maar in het leven blijft niets duren. Sommige vaste bergbewoners beslissen om weer te gaan. Het leven stuurt ze een andere richting uit. En dat doet wel pijn, zo’n vertrek. Want in zo’n kleine gemeenschap bouwt ge op korte tijd diepe vriendschappen op. Een bende nomaden bij elkaar. Niemand is zeker of er over een paar maanden nog wel voldoende geld zal zijn om te kunnen blijven. Soms trekt de stad. Of familie. Is er nood aan een ander schoolsysteem. Of zijn het die lange winters die mensen zuidelijker drijven. Het is zeker niet het meest makkelijke leven, zo ergens anders van nul beginnen. En er zijn vele momenten van twijfels. Maar ik zou het onmiddellijk allemaal terug opnieuw doen want het is ook het meest mooie avontuur uit mijn leven en ik heb me de afgelopen jaren nog geen seconde verveelt. Laat staan dat ik een greintje sleur heb gekend. De band in ons gezin is hechter dan ooit. De stress die we kennen is van een totaal andere orde. En ik heb zoveel mooie menselijke daden gezien. En eindelijk komt er stilaan meer tijd om te doen wat ik het liefste doe, namelijk schrijven.

Follow my blog with Bloglovin

De grote stad en het peperkoekenhuisje

Net zoals in België baden we in het zonlicht en slaan we de lente over. En van een stille rustige winter bruist het plots van de bedrijvigheid. Een explosie aan energie zorgt ervoor dat we ineens op alle fronten tegelijk actief zijn: de fundamenten van het huis zijn vandaag gegoten. De biscuiterie krijgt elke dag meer vorm en opent 4 april zijn deuren. Het is echt een peperkoekenhuisje deze ‘ancien lavoir’ waar de vrouwen vroeger gezamelijk hun was kwamen doen in een groot bassin. En de eerste zaadjes zitten in de grond en je hoort overal de natuur ontwaken. Alles wriemelt en krioelt.

Op een zondagochtend trekken we naar Lyon. Op prospectie. We zoeken een goede en grote markt om onze koekjes te verkopen. We hopen dat in deze derde grootste stad van Frankrijk meer geld is zodat er meer te verdienen valt dan op de kleine marktjes in deze toch wel arme streek.

En wat een geweldige stad is Lyon! Bert en ik zijn allebei reuze enthousiast en opgewonden. Wat een leven en drukte. Alles beweegt. Dat zijn we niet meer gewoon na al die maanden in de bergen. Tussen al die hippe stadsmensen wordt ik me er dan ook ineens pijnlijk van bewust dat ik rondloop met vlekken op mijn broek, een wollen vest die wit ziet van het hondenhaar, een gat in mijn trui en vettige haar. Mijn afgeleefde lederen laarzen staan in schril contrast met de vele fijne hakjes waar de Françaises parmantig op rondtrippelen. En ik denk weemoedig aan al mijn hakjes die in de schuur stof liggen te vergaren, wachtend op een moment om nog eens in hun volle glorie hersteld te worden. Ik houd me halsstarrig vast aan de idee dat dat moment er ooit nog wel eens komt. Het ontlokt telkens veel gegniffel bij de toehoorders. Ik kijk mijn ogen uit in de etalages en Bert dankt God dat het zondag is en alle winkels gesloten zijn. En ik besef dat ik helemaal uit de mode ben en krijg de enorme drang om mijn schade in te halen. En dan besef je: ‘je kan het meisje wel uit de stad weghalen maar de stad krijg je toch niet zo snel uit het meisje…’ Bijna twee jaar geleden maakt we die grote switch maar sommige dingen veranderen nooit vrees ik.

Nu goed, ik laat me dan maar gaan op de markt en koop een berg asperges (veel te veel), en bloemen (die ik evengoed hier ergens uit de grond kan schoppen) en knalrode, grote en perfect gevormde aardebeien (veel te vroeg, veel te duur, zeker niet van hier en al helemaal niet biologisch) maar hey, de boog kan niet altijd gespannen staan he?!

En we drinken koffie op een terrasje aan het water en vallen achterover van de prijzen: 3 euro voor ne koffie?!!! Och ja, we zijn in ‘dé grote stad’ en daar rolt er geld en dat is maar goed ook want wij gaan daar koekjes verkopen tot ze iedereens oren uit komen.

Gust blijkt een ware holbewoner. Un petit sauvage. Denkt dat er maar één stad bestaat, namelijk de ‘oma stad’ dus hij is door het dolle heen. We krijgen hem maar niet uitgelegd dat oma zo’n 800km verder woont, in een andere stad. En hij wijst en gilt als hij mensen met een hoofddoek ziet: ‘Kijk mama een spook’ en verstopt zich achter mijn benen. En Gust gaat het liefste naar school met zijn grote zwem bril op. Hij vind dat ongelooflijk ‘cool’. Dus als we een skiwinkel passeren kan zijn geluk niet meer stuk: zo’n coole grote brillen en flashy schoenen. He loves it!

En het is een blits bezoekje maar we komen zeker nog terug. En ook wel eens zonder de kinderen want zij vinden zo’n stadsbezoek echt niet leuk. En als je kinderen zo martelt dan krijg je hele fijne reacties:

Gust stampvoeten en met gebalde vuistjes: ‘Ik ben niet jouw dikke vriend!’

Jules: ‘Jij bent geen mama want geen enkele mama zou haar kindjes zoiets aandoen’ en dan volgt er een ellelange opsomming van wat ik allemaal fout doe en wat voor een verschrikkelijke moeder ik wel niet ben.

Fons, huilend: ‘Dit is de saaiste en verschrikkelijkste dag van mijn leven!’

Maar gelukkig is er Brando, onze adoptiehond vernoemd door zijn Bulgaarse reddende engelen, naar Marlon Brando. ‘Omdat hij dezelfde blik heeft als Marlon Brando’. Ge vraagt u dan af over welke Marlon Brando ze het hebben maar soit. Hij is de liefste en rustigste hond ooit. Dikke vriendjes met Jacky, de poezen en de kinderen. Altijd blij om jou te zien en op zoek naar een knuffel. Toch iemand die je geen monster vindt…

 

Winnie.

IMG_4921

Bergwandjes afsnijden…

IMG_4936 (1)

IMG_4937

Droogmuur in opbouw en bezoek uit België.

IMG_4986

IMG_4990

IMG_5045

Jacky & Tommy zagen dat het goed was…

IMG_5067 (1)

 

Selfie!

IMG_5022

Marlon Brando in tha house!

IMG_5102 (1)

IMG_5121 (1)

Iedereen heeft een eigen modegevoel…

IMG_5170

Als het kriebelt moet je wroeten in de grond.

IMG_5297

Love is…elkaar bijten.

IMG_5305

On top of the world! (Rochebloine)

IMG_5337

IMG_5355

IMG_5361

Love is… samen slapen.

IMG_5383

Koppenlopen in Lyon…

IMG_5393

IMG_5415

Wat zand van papa’s graf in BXL en van Jozef: de lege urn, zijn leesbril en laatste pintje. Ze zullen ons zelfgebouwde huis nooit zien maar staan wel mee aan de voet ervan…

 

IMG_5448

IMG_5458

IMG_5460

IMG_5485

IMG_5495

IMG_5505

IMG_5516

Het hout voor het houtskelet ligt al klaar.

IMG_5543

Het peperkoekenhuisje & een boos kindje met groene cowboyboots.

IMG_5722

Het peperkoekenhuisje & het breakdansend kindje.

IMG_5844

Lente bedrijvigheid en Pergolesi

‘t Zijn drukke dagen, zo net voor ons vertrek naar België. Ineens moet er nog vanalles geregeld en gedaan worden en de to do lijstjes zwellen aan met de dag pffff……

Er maakt ook een zekere spanning zich van ons meester want het is toch telkens weer een andere wereld binnenstappen als we in Antwerpen zijn. Ook de jongens beginnen weer te fantaseren over hun vrienden en Jules zijn gezichtje klaart helemaal op als hij aan ‘zijn Luca’ denkt. Wat wens ik dat die vriendschap, die nu in de derde generatie zit, blijft bestaan.

De lente kondigt zich, na veel te lang op zich te hebben laten wachten, aan met warme dagen bomvol licht en zon. God, wat waren we dat vergeten, hoe heerlijk zo’n zon en warmte kan zijn. Zo’n genot en je humeur plots ontegensprekelijk zoveel beter. Alles verlicht.

En samen met de zon barst een bedrijvigheid los in de natuur en bij de mensen. Wij zitten net iets te hoog om al veel bloemen te hebben maar hoe meer we afdalen naar Lamastre hoe meer kleur we te zien krijgen. In Lamastre zijn al die felle gekleurde bloesems en bloemen een genot voor het oog. Hierboven zijn we al blij dat we de  knoppen aan de bomen zien springen en hier en daar vers groen uit de grond zien prikken. Maar we weten dat dat zal veranderen, snel zelfs.

Na een lange, stille winter hoor je nu overal lawaai en drukte op de velden. Tractors rijden af en aan met mest en ploegen en er wordt gezaaid en gepland en vanalles geruild en gewisseld en ik krijg al wat stress als ik zie hoe groot mijn moestuin gaat worden (180m2) en ik kan me niet voorstellen dat ik dat allemaal tot een goed einde ga brengen zo zonder enige ervaring. Maar dan kijk ik thuis naar al die miniplantjes: pompoenen, courgettes, komkommers, rode pepers, paprika’s, artisjokken, tomaten, meloenen, bessen, sla, aardbeien, look, kruiden etc etc en ik besef weer dat de natuur het grootste werk voor zijn rekening zal nemen. En ik heb nog zoveel zaad liggen en kijk al vol spanning uit naar onze terugkomst en ik echt kan beginnen.

We hebben voor de eerste keer op onze eigen grond gewerkt: Bert heeft zich met bloed, zweet en tranen (letterlijk) een weg gebaand door een bijna ondoordringbare muur van bramen en plots stonden we  in onze ‘keuken’ en ‘living’  en waw, wat een uitzicht! Jonas is volop bezig met het uittekenen van de plannen en het gaat prachtig worden. Zo spannend om een eigen huis te bouwen.

En na een dag hard werken trekken we allemaal onze mooiste kleren aan want er is een orgel in bruikleen gegeven aan de kerk en dat wordt ingewijd. We betreden de kerk die afgeladen vol zit in onze zondagskleren en we krijgen allemaal drie zoenen van de burgemeester. Wat volgt is een prachtig concert met twee zangeressen die het orgel begeleiden. Als Stabat Mater van Pergolesi wordt ingezet schieten zowaar mijn ogen  vol. Zoveel cultuur, schoonheid en ontroering in dat kleine kerkske van Nozières.

Daarna is Gust nog gevierd met een Sachertorte van de hand van Bert die zichzelf weer overtroffen heeft en ons met een zware maag van teveel gesnoep de avond laat afsluiten. Burb…

IMG_2774

De bouwplannen bespreken met Jonas.

 

 

IMG_2825

 

IMG_2862 IMG_2874 IMG_2889

Lindy Hoppen!

 

IMG_2971

Ik betrap Gust…

 

IMG_2987

Winnie.

 

IMG_2995

Het bramenbos van Doornroosje.

 

IMG_3002

Jacky zag dat het goed was.

 

 

IMG_3014 IMG_3026

De inwijding van het orgel.

 

IMG_3040 IMG_3045

Gust 3 jaar!

 

 

IMG_3047

Jules maakt een tekening voor Gust. Een prachtig huis en de drie broers vieren ernaast feest. Links boven: I LOVE GUTS.

 

 

IMG_3048

Doodmoe van al dat gefeest.

 

IMG_3053

Ook bij Hanne en Jonas wordt er druk gewerkt.

 

IMG_3086 IMG_3090

Bemesten van onze toekomstige moestuin.

 

IMG_3109

Pokerfaces moeten nog wat ingeoefend worden.

 

IMG_8048

Chillen met de vrienden in ‘onze tuin’.

 

IMG_8054

Waar het ‘oranje stipje’ of Bert is, komt ons huis te staan.

IMG_8057

Zondagochtend, na een beetje werken op ‘t veld,  op de koffie bij Hanne en Jonas met boer Jean.

Op de barricades en tomatenzaadjes

‘Je hebt de hippie in jezelf ontdekt’, zei een goede vriendin tegen me toen we elkaar weer ontmoeten in Antwerpen. Ik moest er hard om lachen en toch, ergens zit er wel waarheid in die uitspraak.

Al zou het beter geformuleerd worden als: ‘Je hebt de hippie in jezelf herontdekt’.

Want ze deed die uitspraak toen we in een hippe koffiebar, van een nog hippere koffie-met-vanalles-en-nog-wat-in-en-op-en-rond nipten.

Nadat ik lyrisch over ons ‘nief leven’ in Frankrijk vertelde. Over hoe ik tranen in de ogen krijg als ik naar de bergen kijk. Hoe ik sta te popelen om met mijn handen in grond te wriemelen.  Dat ik doldraai als ik keuzes moest maken over wat ik zou willen zaaien want er is veel teveel keuze. ‘Weet je dat er meer dan 150 verschillende soorten munt zijn?!!!’ En dat er niets lekkerder is dan bronwater en zelfgemaakt brood. Enzovoort…

Maar vroeger was ik al een ‘groen en geëngageerd beest’. Zo eentje dat van die oversized Greenpeace t-shirts droeg met het opschrift: ‘No time to waste’.

Ik schreef elke avond ijverig brieven  voor Amnesty International en was boos op mijn mama en zus omdat zij niet meededen. Ik schreef brieven naar ‘Sandra Kim’ en ‘De president van Amerika’ en legde uit hoe we de vervuiling van de wereld konden stoppen door snoepjes geen drie verpakkingen meer te geven en zo van die dingen. Die briefjes, in een waarschijnlijk onleesbare kindergeschrift,  gingen op een troetelbeertjes briefpapier, zonder adres, de postbus in. Ik verloor al mijn vertrouwen in de ‘machtigen der aarde’ omdat niemand me terugschreef of au serieux nam.

Maar ik geraakte volledig de kluts kwijt toen ik jaren later een lief had, dat na mijn zoveelste betoog voor een open wereld, tegen me zei:
‘Als een man geen socialist is tegen de tijd dat hij 20 is, heeft hij geen hart. Als hij nog steeds socialist is tegen de tijd dat hij 40 is, heeft hij geen hersens’ (dixit Churchill).

Ik had toen moeten weten dat dit een ramp van een relatie zou worden maar goed, je bent jong en verliefd en ik dacht alleen maar dat ik inderdaad misschien maar eens moest kappen met die kinderlijke gedachte dat ik iets aan de wereld zou kunnen veranderen…

Maar ik ben aan een heuse ‘barricade revival’ bezig. Nu we midden in de natuur leven en ik volop bezig ben met mijn eerste eigen moestuin te plannen komt mijn gevoel voor onrechtvaardigheid weer de kop op steken. David en Goliath. Ik word kwaad als ik lees hoe grote bedrijven denken dat wij achterlijk zijn. Hoe ze dingen stil willen houden. Hoe dat geld hun enigste drijfveer is. Niets milieu of toekomstvisie voor de mens: alleen money money money. Vervuiling kan hun totaal niets schelen.

Ook ben ik gefrustreerd omdat de Occupy Wallstreet en andere protesten niets hebben uitgehaald. Hoe de banken die ons allemaal zoveel leed hebben bezorgd nog steeds overheidssteun krijgen en riante bonussen uitbetalen.

Hoe de lobbyisten  over de hele wereld alles in handen hebben.

En zo kan ik nog wel even doorrazen…

 

MAAR! Er zijn ook leuke verhalen te vertellen.

Zo kom ik interessante mensen en geweldige initiatieven tegen. En geeft het moed dat  onze stem soms wel iets uitmaakt.

Power to the people en the beez!!!! Eindelijk dringt het een beetje door dat de bijen een probleem hebben en dat de pesticiden die wijdverbreid gebruikt worden daar toch ook wel hun aandeel in hebben. De petitie op AVAAZ word massaal getekend en ja hoor, we worden gehoord tot in het Europese parlement en hopelijk wordt er in maart een  moratorium op giftige bestrijdingsmiddelen aangenomen! Duimen maar!

Occupy Antwerp (voor meer informatie zoek ze op op Facebook) organiseren fantastische dingen waaronder elke zaterdag een ‘geef plein’ op het Astridplein in Antwerpen in samenwerking met Volxkeuken (nog zo’n geweldig initiatief). Onder de slogan: ‘armoede in A? nie mé maa, nie mé ongs’ delen ze gratis eten en kleding uit aan de armsten onder ons. Als ik naar Antwerpen afzak passeer ik met een grote zak Franse sausissen, beloofd! En eigenlijk zou iedereen moeten langsgaan met iets dat hij of zij kan weggeven.

Jeroen Olyslaeger is een drijvende kracht achter dit evenement. Leren kennen via Facebook (waar dat ‘smoelenboek’ toch niet allemaal goed voor is) en bewonder hem voor zijn daadkracht en schrijftalent!

Heel stilletjes proberen grote bedrijven als Shell letterlijk een voet in de aarde te krijgen in heel Europa om  gasboringen te doen. Laat je niet verblinden door ‘goedkopere energie’ want de enige die daarvan zal profiteren zijn de multinationals zelf. En besef goed dat de keerzijde van dit zogezegde ‘zo makkelijke procédé’ super vervuilend is. Bij deze: wees gewaarschuwd en steek uw kop niet in het zand. Het kan daar behoorlijk giftig zijn!

Vzw de Beek: al lang één van mijn favoriete Antwerpse initiatieven. Zo simpel, zo mooi. Met z’n allen voedsel gaan oogsten, klaarmaken en ervan genieten! Op bijna elk info moment dat ze organiseren zou ik aanwezig willen zijn, ware het niet dat er zo’n 1000 km tussen ons ligt…

Op mijn zoektocht naar nieuwe baasjes voor de pups ontmoet ik dé tomatenmadam van België, Rita!
Rita is al jaren bezig met tomaten en heeft ondertussen al meer dan 1500 soorten waarvan sommige zeer zeer oud! Ze noemen dan ‘heirloom tomaten’, oude tomatenzaden die zorgvuldig van generatie op generatie werden bewaard en doorgegeven. Ze verzamelt ook oude kookboeken, och ik kan niet wachten om eens bij haar te gaan rondsnuffelen…een geweldige madam!

Cie de Knor & de Bie: wie al wegdroomt bij onze avonturen die moet zeker eens deze blog lezen. Mijn grote voorbeeld!

 

Mijn eerste zaaikalender opmaken: dat leek zo makkelijk maar mijn God, dat is kei veel werk!!!

Zaaikalender opmaken

 

Zaaien en schilderen: iedereen creatief in ons klein huizeke.

 

Zaaien en schilderen

 

Ikke zo fier als ne gieter op mijn eerste tomatenplantje!

NR 1!!!

 

Allemaal verschillende soorten tomaatjes.

En toen waren ze met...

 

Basilicum: dat verkopen ze hier niet dus ik kan niet wachten om nog eens verse basilicum te proeven!

Basilicum

Slaatje van courgette met thijm en citroen

Eén van onze bezoekjes in België was in Londerzeel, bij Andreas, Ilona en Harald.

Ilona’s mama heeft een prachtige ‘eetbare tuin’. Ze combineert op een geweldige manier eetbare en niet-eetbare planten en bloemen. Het is een ware ontdekkingsreis om tussen al dat moois ook vanalles lekkers te mogen uitkiezen.

Voor een fris slaatje valt ons oog op enkele felgele courgettes.

Met een dunschiller maken we van de schil, gele sliertjes. (Gooi de zachte binnenkant niet weg, is perfect te gebruiken in een soepje of een stoemp).

We marineren deze met olijfolie en citroen. En kruiden dit af met verse thijm & munt, grof zeezout en peper.

Het ziet er niet alleen mooi uit maar smaakt naar de zomer. Een beetje zon in je bord.

Stoemp met erwten en salie

Niets zo leuk om van wat je vindt in de tuin samen iets lekkers te maken.

En elke ouder weet dat groentjes verstopt in de puree er heel wat makkelijker ingaan bij kinderen.

Eén van mijn favorieten variaties is de stoemp met erwten en salie erin:

Voor ons vijven neem ik:

–       ¾ kilo aardappelen, oftwel zo’n 2 aardappelen pp

–       een grote soeplepel fijngehakte salie

–       300 gram erwten (vers of diepvries)

–       een beetje fijngehakte peterselie en/of bieslook

–       6 teentjes knoflook

–       100 ml zure room of yoghurt

–       1 theelepel mosterd

–       wat olijfolie, peper en zout

 

Zo ga je te werk:

–       schil de aardappelen en kook ze

–       kook de erwtjes

–       bak in een pan de fijngehakte look aan in de olijfolie

–       stamp de aardappelen fijn

–       meng er dan de look, de erwten, de zure room, de mosterd, de salie en peterselie en/of bieslook onder

–       en kruid af met peper en zout

Wij hebben er van gesmuld met een lekker vers varkenskoteletje erbij.

Meer moet dat niet zijn!