ON EST PARTI! Een nieuw leven beginnen in Frankrijk.

Category Archives: Food

Le Funky Falafel

Gepubliceerd op 12 september 2017 in Charlie Magazine

Swaane ruilde haar hectische leven in Antwerpen in voor een zoektocht door Frankrijk in een kleine caravan, samen met haar man en drie kinderen. Op Charlie vertelt ze regelmatig een stukje van haar verhaal. In het vorige hoofdstuk trok ze de deur van haar schrijversnest voorgoed achter zich dicht. Nu de stilte op de berg is weergekeerd en de blauwe lucht moet plaatsruimen voor dramatische wolkformaties, blikt ze rustig, doch met zekere nostalgie, terug op wederom een prachtige, levendige zomer.
Achterom kijken is zoals een collage maken van alle mooie, spannende en speciale momenten die er hier tijdens de zomer altijd in overvloed zijn. Het contrast tussen de zomer en al de maanden eromheen is zo groot dat ik altijd het gevoel heb dat er op twee maanden een heel jaar verstrijkt. De overige maanden lijkt de tijd soms stil te staan, maar tijdens de zomer gaat het hard en snel.

De zomer van 2017 zijn we ingegaan met een regelrechte knal. Maanden van dromen en voorbereiding gingen eraan vooraf en het liep zeker niet altijd van een leien dakje. Maar ja, gaat dat niet altijd zo met een nieuw project?

Uit financiële noodzaak worden we hier continue gedwongen om naar nieuwe mogelijkheden te zoeken die wat meer brood op de plank kunnen brengen. We zijn hier ondertussen al zeer actief: renovaties, beheer van vakantiehuisjes, de biscuiterie, koken op stages en hier en daar wat schrijfwerk maar we blijven met een gevoel zitten dat niets van dat alles ons naar een iets meer comfortabel leven leidt. En dat is erg frustrerend als je in een half afgewerkt huis woont en zo nu en dan nog eens naar het noorden wilt reizen…
“Als het niet aanslaat, dan gaan we die foodtruck ritueel verbranden en heel de zomer falafel eten.”

Dus richten we onze pijlen deze keer op een foodtruck. We plannen, kopen een oude caravan en zwieren er alles uit. We starten met z’n drieën, maar eindigen met ons twee omdat wij nu eenmaal een goede geoliede machine zijn en omdat anderen soms wat moeite hebben met onze rock-‘n-roll attitude in de trant van ‘we springen en zullen wel zien waar we uitkomen’. Dat kan niet iedereen aan.

Maar daardoor wordt het dus extra spannend. Niet alleen veranderen we op de valreep het hele concept: geen Franse caillettes en merguez, maar een vegan foodtruck, LE FUNKY FALAFEL. En al ons geld moet eraan geloven. Het is echt ‘erop of eronder’.

We schrijven ons in voor één enkel festival. Als het niet aanslaat of als we het niet leuk vinden dan gaan we die foodtruck ritueel verbranden, heel de zomer falafel eten en ons erbij neerleggen dat we hier altijd armoezaaiers zullen blijven. Zoiets.
“De meesten klanten hadden nog nooit van falafel gehoord: ‘C’est quoi falafel? Des boulettes de viande?’”

Dus met knikkende knietjes en een caravan vol kikkererwten trekken we begin juli naar een eerste festival… Maar wat was me dat! Een prachtige locatie, heerlijk zomerweer en niet onbelangrijk: duizenden bezoekers. De falafelbroodjes vlogen over de toonbank en wij, die zo onvoorbereid waren als maar kan, probeerden die lange rijen mensen niet teleur te stellen. De meesten klanten hadden nog nooit van falafel gehoord: ‘C’est quoi falafel? Des boulettes de viande?’ Maar blijkbaar konden onze gefrituurde kikkererwtenballetjes ook de notoire Franse vleeseter bekoren. Want ze kwamen terug. Tweemaal, driemaal,… Meer bevestiging dat je misschien eindelijk een ‘gat in de markt’ hebt gevonden kan je hier niet verlangen.

Na twee dagen van vijftien uren non-stop werken, een nacht met amper slaap en zo’n 7.000 falafelbolletjes gedraaid te hebben, keerden we uitgeput maar lichtelijk euforisch weer huiswaarts.

De zomer kon beginnen, met minder financiële stress, nog enkele kleine evenementen op zak, meer tijd voor het gezin maar vooral met hoop! Veel hoop! En nu september weer aangebroken is, kan ik zeggen dat die hoop vervuld is. Voor grote festivals was het ondertussen te laat, daar moet je je maanden op voorhand voor inschrijven, maar de mond-tot-mondreclame doet hier goed zijn werk. Zo was Le Funky Falafel paraat op enkele kleinere evenementen in de buurt. Minder druk, maar daarom niet minder leuk. En onze Funky Falafel-agenda voor volgende zomer? Die geraakt steeds meer gevuld.

Save

Save

Slaatje van courgette met thijm en citroen

Eén van onze bezoekjes in België was in Londerzeel, bij Andreas, Ilona en Harald.

Ilona’s mama heeft een prachtige ‘eetbare tuin’. Ze combineert op een geweldige manier eetbare en niet-eetbare planten en bloemen. Het is een ware ontdekkingsreis om tussen al dat moois ook vanalles lekkers te mogen uitkiezen.

Voor een fris slaatje valt ons oog op enkele felgele courgettes.

Met een dunschiller maken we van de schil, gele sliertjes. (Gooi de zachte binnenkant niet weg, is perfect te gebruiken in een soepje of een stoemp).

We marineren deze met olijfolie en citroen. En kruiden dit af met verse thijm & munt, grof zeezout en peper.

Het ziet er niet alleen mooi uit maar smaakt naar de zomer. Een beetje zon in je bord.

Stoemp met erwten en salie

Niets zo leuk om van wat je vindt in de tuin samen iets lekkers te maken.

En elke ouder weet dat groentjes verstopt in de puree er heel wat makkelijker ingaan bij kinderen.

Eén van mijn favorieten variaties is de stoemp met erwten en salie erin:

Voor ons vijven neem ik:

–       ¾ kilo aardappelen, oftwel zo’n 2 aardappelen pp

–       een grote soeplepel fijngehakte salie

–       300 gram erwten (vers of diepvries)

–       een beetje fijngehakte peterselie en/of bieslook

–       6 teentjes knoflook

–       100 ml zure room of yoghurt

–       1 theelepel mosterd

–       wat olijfolie, peper en zout

 

Zo ga je te werk:

–       schil de aardappelen en kook ze

–       kook de erwtjes

–       bak in een pan de fijngehakte look aan in de olijfolie

–       stamp de aardappelen fijn

–       meng er dan de look, de erwten, de zure room, de mosterd, de salie en peterselie en/of bieslook onder

–       en kruid af met peper en zout

Wij hebben er van gesmuld met een lekker vers varkenskoteletje erbij.

Meer moet dat niet zijn!

THE PROMISED LAND!!!

Als je je éénmaal in de stroom die het leven is, gooit en je laat je meevoeren zonder tegen te spartelen dan land je soms op een heel andere plek dan je in gedachten had toen je die sprong in het ongewisse nam.

Van het initiële plan om een Bed & Breakfast met camping over te nemen schiet er ondertussen niet veel meer over.

Neen, we hebben een stuk grond gekocht en gaan ons eigen huis bouwen! Uit stro en leem. Het was spannend tot het laatste moment want toen we naar Le Mairie gingen om het te kopen bleek het net 15 minuten (!!!) daarvoor verkocht te zijn… Maar de burgemeester heeft alles op alles gezet en de bereidwillige kersverse eigenaar is akkoord gegaan met een ander stukje grond.

We zijn dus eindelijk geland!  En dan nog wel heel dicht in de buurt waar Youps begraven is, nl Nozières in de Ardèche. Laten we het een teken uit de hondenhemel noemen.

En ok, het is niet het gigantische, afgelegen domein waar we ooit van droomden maar het is een heel mooi stukje grond (1400m2), met voldoende plaats voor een mooi huis, tuin en moestuin. Heel de dag zon en een fantastisch uitzicht! Op zo’n 1000m hoogte! Het zal wennen worden aan de ijskoude winters maar de koelte ‘s nachts tijdens de hete zomers is dan weer een super pluspunt.

Het past perfect in ons budget en de ecologische woning die we gaan bouwen ligt helemaal in de lijn van wat wij in gedachten hebben. De kinderen kunnen er te voet naar school. Fons en Jules zijn al ingeschreven in de school met ‘classe unique’ waar alle kinderen van 5 tot 11 jaar  samen in één klas zitten. We zijn naar het afscheidsfeest geweest en er hing een hele leuke sfeer. Ook Mignus, Oscar en Pitu zitten er dus de jongens worden niet helemaal voor de leeuwen geworpen.

De grote eerste stap is gezet maar eigenlijk begint het avontuur nu pas. Het huis moet nog gebouwd worden al hebben we Jonas als architect aan onze zijde en dat geeft vertrouwen. We zoeken nu uit of we de komende maanden iets gaan huren of in een Yurt zullen overwinteren.

En niet alleen de kinderen moeten Frans leren, ook mijn Frans moet nog goed bijgeschaafd worden. Soms heb ik momenten dat de zinnen er uitvloeien alsof ik nooit iets anders gesproken hebt en op andere momenten krijg ik amper de weg gevraagd en verdwijnt mijn zelfvertrouwen als sneeuw voor de zon. Of zoals Bert het zegt: ‘il y a encore beaucoup de cheveux au dessus’.

En nu we geen B&B meer zullen runnen moet er op een andere manier brood op de plank komen. Soms slaat de schrik ons om het hart en vrezen we dat we ons regelrecht de armoede gaan instorten en nooit iets zullen vinden. Op andere momenten stromen we over van ideëen en zien we heel veel mogelijkheden.

En dan is er nog dat vreselijke woord: ‘integratie’, wat dat dan ook mag betekenen. Maar we zijn hier wel degelijk die buitenlanders die een plekje zullen moeten verdienen binnen deze gemeenschap. En daar moet je zelf ook erg je best voor doen.

Maar deze zorgen nemen niet weg dat we door het dolle heen zijn met ons eigen plekje hier in de bergen! We logeren voor een weekje in de Yurt van Jonas en Hanne die op vakantie zijn in Spanje en letten op de poezen, de vis en de moestuin. We genieten met volle teugen van eindelijk weer wat privacy te hebben en rijden regelmatig naar ons stukje grond om er te fantaseren over ons droomhuis. Het is heerlijk om een eigen nest te kunnen bouwen. Of zoals mijn vader het zei: ‘Een echt oergebaar’.

Hopelijk ooit het uitzicht vanop ons terras:

 

Het schoolpoortje.

Net voor de school drinkbaar water.

 

Gezellig samenleven in de Yurt met een poezenmama en 3 kleintjes, waarvan er maar eentje van haar is. Maar ze maakt geen onderscheid.

Allemaal samen lekkers uitzoeken voor het avondeten.

‘Wine in a jar’ want de rest wordt boven gekoeld in de bron. En de nachtlampjes worden opgeladen.

Niet alles is even gezond: ik betrap Gust op het leegdrinken van Bert’s blikje cola…

Niks zo sexy als een man die bij avondlicht ‘zijn’ pas bewerkte land nog even inspecteert…

Het leven zoals het is, on the road.

We hebben ondertussen het leven on the road terug hernomen na een laatste editie ‘vrijdagavondfeestje’ in het huisje.

Freija, de keukenprinses, tovert als aperitiefhapje tempura-salieblaadjes, wat niet alleen super lekker blijkt te zijn maar ook nog eens een streling is voor het oog. Enthousiast duiken we de tuin in en proberen vanalles uit: vlierbessenbloesem, saliebloemen,… iedereen verdringt zich rond Freija om te kijken hoe alles door het deegje wordt gehaald en gefrituurd. Om je vingers bij af te likken, zo heerlijk!

 

En de kinderen spelen met alles wat ze vinden en laten hun fantasie de vrije loop.

Oorlogsvoering met de gezelschapsspelletjesdoos

 

Driving the old R4!

 

Het zeer proffessionele wapensarsenaal van Fons en Jules, veilig opgeborgen in hun wapenkoffers.

 

Ik was een beetje bang dat het ons moeilijk zou vallen om na die wijdsheid van een huis weer met z’n allen op 6m2 te moeten leven maar we glijden als vanzelf weer in ons caravannetje en het buitenleven hervatten we alsof we nooit iets anders gekend hebben.

Naast de continue huizenjacht gaan we dikwijls op verkenning met de verrekijker om roofvogels te spotten. En ook een beetje om mensen te begluren.

 

Dichter bij huis is er de ‘potty-training’ van Gust, flink aangemoedigd door zijn broers. Maar het blijkt nogal een opdracht om Gust op het potje te krijgen. Hij vindt het zelf allemaal heel leuk maar hij plast en kakt overal, behalve waar wij willen natuurlijk: ik vind hoopjes strond verspreid over de grond, op zijn fietsje, aan zijn handjes die hij me komt laten zien om ze vervolgens, luid lachend, aan mijn broek af te vegen. Trots komt hij een plasje laten zien in mijn afwasteiltje, maar het liefst van al plast hij gewoon waar hij staat wat op een camping niet altijd door iedereen geapprecieerd wordt… Er is dus wel nog wat werk aan de winkel.

 

 

Bert scheert voor ‘t eerst op onze reis zijn mooie rosse baard af. Gust is zo in paniek als hij Bert ziet dat hij luid krijsend naar mij rent en heel bang vantussen mijn armen naar die vreemde man gluurt die wel wat op papa lijkt en ook dezelfde stem heeft, maar er toch och zo anders uitziet.

 

Jules stelt hem nu elke dag gerust, terwijl hij over Bert’s kin wrijft: ‘dat er alweer wat stengeltjes zijn bijgekomen’.

 

En wie zei ooit dat het eten on the road, saai was? De jongens kijken ‘s ochtends likkebaardend toe hoe ik ricotta-flensjes-met-bosvruchten-en-honing maak.

 

 

Fons schrijft zijn eerste (dictee)brief aan de klas.

 

 

De wasbekkens op de campings blijken badjes op maat van Gust.


En we geraken al wat in het zuiderse ritme met onze siësta’s.

 

 

Hanne en Gust samen in het schaapje.

 

We zijn de eerste gasten in het paradijs van Anne, Jeroen, Lux en Sam. Wat een geweldige plek is Le Moulinage chez Soie! Zo leuk ook dat we allemaal dicht bij elkaar zullen wonen. Wij kijken al uit naar ons volgend bezoekje daar.

Op de camping in Le Cheylard, die zich in de tuin bevindt van een oud kasteel, staan er drie gigantisch grote en oude sparren. Meer dan 150 jaar geleden aangekocht door de rijke eigenaars in Amerika en Canada, als exotisch en tropische bomen voor in hun tuin. Nu zovelen jaren later zijn ze een bron van fantasie voor de kinderen. We leggen onze oren te luister tegen de dikke bast en horen de kabouterjes die erin leven. De jongens noemen het ‘Enten’, zoals de levende bomen uit Lord of the Rings, die ons ‘s nachts beschermen.

En Jules, die de rijkste fantasie heeft van allemaal en ook een echte ‘praatjesmaker’ is, ‘vindt’ regelmatig achter zo’n boom een koekje! Fier komt hij het laten zien en zegt dan dat de Enten dat daar ‘s nachts voor hem hebben klaargelegd en dat hij het mocht opeten, helemaal alleen! Tja, wat zeg ja daar dan op?

 

 

La vie en Rose

Het leven in ons tijdelijk huisje kent zijn hoogtepunt als Oma op verrassingsbezoek komt!

De jongens weten van niets en we hebben hen wijsgemaakt dat we (weeral) naar een huisje moeten gaan kijken. Dat vinden de jongens ondertussen de meest verschrikkelijke bezigheid die je je kan bedenken. Eerst in zo’n klein kantoortje stil moeten zitten, om vervolgens heel lang in de auto te zitten om dan, naar wat zij noemen ‘een krot’, te gaan kijken! Ze snappen er niets van en zo’n dag eindigt altijd weer in jengelende, krijsende kinderen en wij die ons generen tegenover de mensen die met ons een serieus gesprek proberen te voeren.

Dus we hebben ze echt heel veel zoets en lekkers moeten beloven om ze mee in de auto te krijgen. Als we bij het TGV station aankomen vindt Fons het precies een vlieghaven. Bert verzekert hem echter dat dit het grootste immobiliënkantoor ter wereld is en dat er hier binnen een mevrouw op ons wacht om ons een huisje te laten zien.

Als we binnen bijna direct op Oma botsen, zien ze haar niet meteen. Als ze dan ineens beseffen dat ze die vrouw wel degelijk kennen gaat er iets van een shock door hen heen. Ze staan stokstijf stil en worden eerst heel rood en dan heel erg wit. Ik voel me al schuldig dat ik hen dit aandoe. Ze zijn er de eerste minuten alledrie helemaal stil van en geloof me, daar moet je wat voor doen.

Die dag maken we plannen om vanalles te gaan bezoeken en bekijken maar verder dan de markt geraken we nooit.

 

De zonnige week kabbelt verder en de jongens laten zich die extra aandacht van Oma zeer wel gevallen.

Brandnetels uit de tuin voor een soepje.

Bootjes voor op het riviertje hier wat verder.

Sjoelbakken.

Gust zorgt voor al de scharminkeltjes uit de buurt.

Bellen blazen.

Elke dag gaat er een reuze klaproos meer open.

De natuur staat in volle bloei en dat is niet alleen super mooi maar ik krijg ook bijna dagelijks bloemetjes. Heerlijk!

Openlucht cinema.

En voor we het weten zijn de vijf dagen alweer om en zetten we Oma terug af.

Afscheidstaart voor Oma.

Gust snapt er niets van en zoekt Oma regelmatig in één van de kamers van het huis: ‘Waar is Oma?’. Fons en Jules stellen hem dan gerust dat we Oma over 10 daagjes weer terug zullen zien. Ik zeg maar niet dat het wel wat langer zal duren.

Maar ondertussen zijn er zoveel herinneringen en foto’s om te koesteren.

Deze ochtend zaten we met zijn vieren in bad en begonnen ze weer over één van hun favoriete gespreksonderwerpen:

Fons: ‘Wij hebben alledrie in jouw buik gezeten he?’

Ik: ‘Ja.’

Fons: ‘En ik kwam er eerder uit terwijl Jules en Gust nog even bleven zitten he? Want er was te weinig plaats en wij maakten veel ruzie in jouw buik he?’

Ik: ‘Zoiets ja.’

Jules: ‘En jij hebt in de buik van Oma gezeten he?’

Ik: ‘Ja.’

Fons: ‘Dus dan had Oma een super dikke buik want jij, ik, Jules én Gust zaten er dan in?’

En voor ik kan uitleggen dat het in een beetje een andere volgorde is verlopen slaat hun fantasie volledig op hol en keuvelen ze rustig met hun tweetjes verder…

Jules: ‘En toen deden wij heel zot in Oma’s buik en dan wiebelde die heel de tijd zo.’ (schudt met zijn poep heen en weer)

Fons: ‘Ja, en Oma was dan soms wel wat boos maar ze vond het ook grappig want Oma is nooit boos op ons.’

Jules: ‘Nee, Oma die verwendt ons heel erg.’

Fons: ‘Ja, van Oma mogen wij echt aaaalles!’

Jules: ‘Ja zelfs vijf ijsjes op een dag.’

Fons: ‘Ja want Oma die heeft respect voor ons!’

La maison.

Gelukkige is er afleiding na het vertrek van Oma. Hanne, Jonas, Mingus, Oskar, Freija, Aiden en Pitu komen spelen, eten en blijven uiteindelijk slapen.

Een super gezellige boel. Wat is het heerlijk voor ons allemaal, groot en klein, om hier ook al wat vriendschapsbanden te smeden.

(Gust goot zijn bellenblazer altijd leeg in het zwembad, dat verklaart dus het schuim)

Als het huisje uiteindelijk toch leeg is trekt er een stevig onweer over ons heen en de dag erna regent het onophoudelijk.

Maar nu we in een huisje zitten hoor je ons niet klagen: houtkachel aan, Franse chansons op de platenspeler, pannenkoeken, Pastis en spelen maar… La vie en Rose…